Mud Morganfield (Muddy Waters Jr.)
Support: The Damned and Dirty
Paradiso, Amsterdam
23 januari 2018

In 1981 stond Muddy Waters voor het laatst ergens in Europa te spelen. De kans is klein dat iemand in deze zaal vanavond de blueslegende ooit live zag, ondanks dat de leeftijd van het publiek in de zaal varieert. Vaders met dochters, hangende oren van blues-veteranen tot jeugdige tienergezichten. Het lijkt daarom ook een logische zet voor iedereen om het oeuvre van Muddy Waters te omarmen door middel van een eerste graad bloedverwant. Dit hoeft geen formule voor succes te zijn. Het is dan ook aan Larry “Mud” Morganfield om het tegendeel te bewijzen vanavond.

Tekst: Govert Heemskerk / Foto’s: Mitchel van Essen
(Let op: alle foto’s, video’s en teksten op deze website zijn auteursrechtelijk beschermd. Het is niet toegestaan deze zonder voorafgaande toestemming te gebruiken, af te drukken of te publiceren.)

In het publiek zijn grote gaten waarneembaar als het voorprogramma The Damned and Dirty een beetje ongemakkelijk enthousiast het publiek warm speelt. Het podium lijkt ietwat groot voor de band uit Zaandam, dat live klinkt als een Joe Cocker-bootleg. Er worden biertjes gedronken, gepraat en verre vrienden worden gegroet. Het is een doodnormale dinsdagavond en dat lijkt het bezoekersaantal vanavond te beïnvloeden.

Totdat de band het podium betreedt dat Muddy Junior vanavond inleidt met een muzikaal intro. De toetsenist laat zijn heupen wiegen, terwijl de franjes op zijn Spaanse blouse moeilijk bijeen worden gehouden door de knoopjes op zijn buik. De bassist is een kop kleiner dan zijn contrabas. De drummer zit achter zijn trommels in het midden van het podium en een bandleider met zonnebril heeft een bluesharp stevig in zijn handen geklemd. Het publiek wringt zich naar voren en de gaten in het publiek lijken zich automatisch te vullen. Of we ‘ready’ zijn voor de blues uit Chicago. Natuurlijk is iedereen klaar voor het leed uit Illinois. Er wordt wat achter het gordijn op het podium gerommeld totdat er een gebouw van een vent zich van het gordijn ontdoet en over het podium voortbeweegt. Hij draagt een groot krijtpak, de ene kolossale hand is versierd met immense gouden ringen met vele glinsters en in de andere hand heeft hij een handdoek. Een verschrikkelijk grote glimlach siert het grote ruwe gezicht van Muddy Junior. Een glimlach die afgeeft. Het publiek wiegt mee op de bluesmaat die door de zaal heen dendert. Bij ‘Forty Days & Forty Nights’ gevolgd door ‘Trouble No More’ zijn de tonen gezet voor de avond. Deze avond wordt Muddy Waters geëerd. “That could have been anybody’s song… It just happened to be a Muddy Waters song,” zegt Mud Junior als hij het vele zweet van zijn voorhoofd afveegt. Zijn zwarte krullen glinsteren in het namaaklicht.

Muddy Junior zingt met zijn ogen dicht, slaat ritmisch vliegen dood naast zijn gezicht en bespeelt het publiek met zijn charisma, terwijl hij geen één keer van zijn kruk afstapt.

De man met zijn bluesharp neemt een stap terug, terwijl de toetsenist de muzikale hoofdrol overneemt. Als een Jerry Lee laat hij zijn tenen slaan op het nep-ivoor. Hij heeft een pizza Hawaï gegeten vandaag, vandaar… legt de toetsenist het publiek uit.

Nummers als ‘Baby please don’t go’, ‘I want to be loved’, ‘Elevate Me Mama’ en ‘She’s nineteen years old’ vliegen voorbij. Alleen bij ‘I Just Wanna Make Love To You’ lijkt de energie een beetje weg te ebben. Waarom kiest hij voor een ietwat matige en uitgeklede versie van het nummer? Het mist het gedoseerde vuurwerk en accenten dat het nummer zo’n classic maakt.

De zaal wordt weer wakker geschud met ‘What’s The Matter With The Mill’ waar de band zich als koor naar de eindstreep joelt. De avond wordt afgesloten met ‘Got My Mojo Working’ gevolgd door het encore: ‘Hoochie Coochie Man’. En zo willen we naar huis. Met deze Hoochie Coochie Man. Muddy Junior zingt de blues niet zo beladen en gemeend als zijn vader, maar wel met een zekere charme en enthousiasme. Met drie eigen albums op zak, wordt het publiek toch voornamelijk getrakteerd op het oeuvre van zijn vader. Maar hij doet geen enkele poging om zijn vader te imiteren, zittend op dat krukje met het zware lichaam. Zijn handen in de lucht… Het werkt en daar gaat het om. The son of the seventh son.