26e Grolsch Blues Festival Schöppingen – 3 en 4 juni 2017

Line-up: Chubby Buddy (Sui) – Future Thieves (USA) – Grace Love and Band (USA) – Indigenous (USA) – Walter Wolfman Washington (USA) – MY BABY (NL/NZ) – The Grand East (NL) – Delgres (F/Guadeloupe) – A. J. Ghent Band (USA) – Ruthie Foster (USA) – Eric Gales (USA) – Doyle Bramhall II (USA).

Grolsch Blues Festival Schoppingen 2017 (6 van 50)

Net als voorgaande jaren was het weer een geweldig en uniek festival. Het weer was veel beter dan vorig jaar toen het koud was, nu een korte hoosbui op de zaterdag en daarna schitterend festival weer. Mooie temperaturen en droog, zeker belangrijk bij een buitenevenement. De complimenten gaan naar de perfecte organisatie, het zeer vriendelijke personeel en de geluidsmensen voor het prima geluid. Dit alles zorgde voor de bekende ongedwongen, relaxte en ontspannen sfeer. Top allemaal.

Richard Hölscher en zijn team hadden ook nu weer een uniek programma samengesteld waarin veel relatief of totaal onbekende bands optreden. Van de twaalf bands waren er negen voor het eerst in Duitsland waarvan vijf voor het eerst in Europa. Je moet als organisatie maar durven. Daarmee onderscheidt dit festival zich van veel andere festivals waar vaak bands optreden die men al het hele jaar in het land kan zien. Alle bands hebben een relatie met de blues en veel verschillende stijlen kwamen aan bod. Van zeg maar ‘old school blues’ tot ‘houseblues’….

Tekst: André Wittebroek / Foto’s: Nineke Loedeman en Edwin Birkhoff / Video’s: Edwin Birkhoff. Veel meer foto’s van het Grolsch Blues Festival Schöppingen 2017 zijn HIER te zien.

Zaterdag 3 juni

De zaterdag begint met het optreden van de Zwitserse band Chubby Buddy. Het is een driemansformatie bestaande uit de beproefde opstelling gitaar, basgitaar en drums. Zanger Marc Amager beschikt over een rauwe, hese stem en is in zijn podiumpresentatie zeer beweeglijk en dynamisch en is een echt showmannetje.

De stijl is blues, verweven met veel rock and roll, zoals meteen in het intro duidelijk is. Ook de funky kant komt aan bod in een soort ‘rapblues’ waarin de tekst meer pratend wordt gezongen. Het accent ligt niet op lange gitaarsolo’s maar op korte krachtige rockige riffs en er is veel ruimte voor de prima bassist Martin Ziaja.

Drummer Dominik Liechti drumt erg strak, hoort bij deze muziek, maar af en toe heb ik het gevoel dat hij er ritmisch een beetje naast zit. Valt niet echt op maar toch. In enkele nummers wordt het zelfs wat rommelig. Maar de positieve kant overheerst. Al met al toch een optreden waar je vrolijk van wordt en een leuke opener zo vroeg in de middag.

Daarna is het de beurt aan de Future Thieves. Deze band speelt een melodische, sferische blues en is voor het eerst in Europa. Zanger Elliot Cole beschikt over een mooie stem met dito uithalen en die draagt de band. De muziek bevat symfonische elementen, tempowisselingen en geluidseffecten (spacy), die vooral door het orgel worden gemaakt. In het midden van het optreden zakt het allemaal wat in door de lange beetje eentonige jam, maar de laatste nummers zijn weer een stuk beter. Hier rocken ze er stevig op los met een lekkere bluesdrive. Een goed optreden met enkele kanttekeningen.

De volgende band is de eerste echte knaller: Grace Love and Band. Ook voor het eerst in Europa en Grace Love’s zang is overdonderend goed. Haar stem is zuiver, krachtig en ze doet alles met speels gemak. Gitarist Tristan Gianola is naast Grace de bepalende persoon in de band. Een geweldige eigenzinnige stijl verpakt in een helder pakkend geluid. De band bestaat verder uit een driepersoons blazerssectie, een bassist en een drummer. Deze line-up zorgt voor een fantastisch groovende en swingende show met veel variatie, van slowblues, gospel, soul tot funk en met zalige tempowisselingen.

De blazers staan heerlijk dienend op de achtergrond en overheersen niet. Grace is een zeer vrolijke humorvolle vrouw op het podium, die goed contact heeft met het publiek over het podium huppelt en drentelt. Het spelplezier spat van deze band af. Een genot om naar te kijken en te luisteren. Een eerste echte verrassing deze band. Volgend jaar gaat ze voor een jaar naar Italië, haar platenmaatschappij zit daar en dit eerste optreden in Europa zal zeker een vervolg krijgen. Gaan zien als men de kans heeft!

De eerste stevige, rockblues met dito gitaarwerk komt aan bod bij Indigenous, bestaande uit leden van de Siouxindianenstam. Gitarist/zanger Mato Nanji richtte de band jaren negentig op en is zeer sterk beïnvloed door Stevie Ray Vaughan, Jimi Hendrix en Carlos Santana. Het is een technisch geweldig goede gitarist waarbij elke gitaarliefhebber zijn vingers aflikt. Het gitaargeluid klinkt wat overstuurd voor het podium, waar ik zit te schrijven, maar op het veld zelf is het veel beter, blijkt als ik daar even luister. Ook de zang klinkt daar beter en sneeuwt er niet onder. Men speelt erg hard met soms ellenlange gitaarsolo’s. Mato’s stem is wat vlak met weinig dynamiek maar wel zuiver. Bassist en drummer staan volledig in dienst van hem en zorgen voor een gedegen basis waarop Mato kan excelleren en dat doet hij met verve.

Er zijn geen aankondigingen tussen de nummers, het rockt aan één stuk door met wel een enkele welkome slowblues ertussen. Voor de gitaarfreak een topoptreden, voor de anderen een beetje overkill aan gitaargeweld.

Totaal anders is het bij Walter Wolfman Washington and The Roadmasters. Wat een rust stralen deze heren uit. Men staat op een rijtje, oudere heren en Walter zit de meeste tijd op een kruk en komt er alleen af als hij soleert op zijn gitaar. Zij spelen de real blues zal ik maar zeggen.

Men heeft weinig tot geen uitstraling, weinig contact met het publiek, hier gaat het alleen om de muziek en die is prachtig. De eerste drie nummers zijn instrumentaal en is een mix van blues, jazz en funk. De band bestaande uit trompet, saxofoon, orgel, bas, drums en gitaar is geweldig.

Het swingt en is orkestraal, het heeft wat weg van de Average White band, dat soort muziek. Daarna begint Walter te zingen en hij heeft een mooie diepe bluesy, jazzy stem. Deze band zou zo in een donkere, duistere ietwat naargeestige nachtclub kunnen staan zoals je in oude films ziet. Die sfeer roept ze op. Men is goed op elkaar ingespeeld en het staat als een huis. Het oog wil ook wat en dat wat je hier ziet is aan de saaie kant, jammer. Met een beetje meer dynamiek in de presentatie zou het een stuk beter zijn voor een festival.

Als uitsmijter dan de Nederlands/Nieuw-Zeelandse band MY BABY. De bluespurist zal er van gruwen denk ik, maar het is fantastisch wat ze presteren. Zeker niet ieder zijn ding maar hier in het donker, met een heerlijke temperatuur, komt een soort vakantiegevoel te voorschijn. De band heeft veel succes en het publiek danst en zingt en niemand gaat voortijdig weg. Hoe noemen we dit: house-blues, techno-blues, psychedelische blues of no-blues? Er zit zeker een portie blues in maar de psychedelica overheerst. Het is een mix van blues, house, techno, funk, rock en psychedelica.

Drummer Daniel Johnson geeft het ritme aan met zeer strak spel. Zangeres Cato van Dijk is charismatisch en gebruikt veel sferische effecten in de zang en heeft een mooie duidelijke stem. Gitarist Joost van Dijck zorgt met strakke riffs en dub- en funkeffecten voor een speciale sound. In de muziek zitten verrassende overgangen en het zit erg goed in elkaar. Voor mij is dit een verrassend en heel goed optreden en iedereen is er enthousiast over. Ondanks dat het erg laat is, eigenlijk al te laat qua tijdschema, moeten ze nog voor twee toegiften terugkomen!
Moe maar tevreden keren we huiswaarts na een succesvolle eerste dag.

Zondag 4 juni

De zondag begint met de Nederlandse Band The Grand East die met hun debuutalbum Movano Camerata zeer lovende recensies kregen in de pers. Zanger Arthur Akkermans vertelt dat dit hun eerste optreden buiten Nederland is. Richard Hölscher hoorde hun album, was verkocht en boekte ze direct. Een neus voor goede en bijzondere muziek blijkt steeds. Direct valt de opstelling van de drums op. Die staat rechts, dwars op het podium tegenover het orgel, dat links staat op het podium. Zo is er continu oogcontact mogelijk tussen de bespelers. Organist Joris van den Berg vertelde na de show dat het ook de bedoeling is, de drummer zit dan niet achter de andere muzikanten, maar heeft oogcontact met de hele band. Gezelliger!

Het optreden voert je terug naar de jaren zestig/zeventig van de vorige eeuw. Veel invloeden van The Doors door het orgel en de stem van Arthur, de Allman Brothers Band e.d. Men begint het intro stevig, rockerig en meteen valt de zeer dynamische presentatie van frontman Arthur op in combinatie met een geweldige, krachtige, mooie stem. In Rain Is Coming heeft de Hammond het herkenbare Doors-geluid. Daarna volgt Rabbits and Children en hier krijg ik kippenvel van. Die schitterende stem, de verrassende tempowisselingen (Frank Zappa) en opbouw naar de climax. Top!

De hele band straalt energie en spelplezier uit en het publiek gaat mee. Er zitten psychedelische, magische stukken in de songs en elke song heeft een prachtige opbouw en elke keer die kleine accenten. Organist Joris van den Berg die de trompet pakt; een mondharpsolo; ruimte voor een geweldige mooie jam waarbij zanger Arthur aan de kant van het podium zichtbaar geniet. Deze jam was zo mooi en in stijl de Allman Brothers Band. Kippenvel! Het laatste nummer Gloria van Them krijgt een lange eigen uitvoering en het publiek gaat totaal uit hun dak en dat als eerste band en om 14.00 uur ’s middags! ‘De beste opener ooit hier’, hoor ik mensen achter mij zeggen en dat zegt alles.

Na zo’n overdonderend begin staat de band Delgres voor een moeilijke opgave, lijkt het. Maar ook deze zijn top. Deze band vermengt Delta blues met invloeden uit de Afrikaanse en Caribische muziek. Zanger Pascal Danae heeft een fantastisch mooie heldere stem en speelt prima gitaar en de muziek is even goed.

Heerlijk groovend, ritmisch sterk door het strakke drumwerk en de tuba of soesafoon, geeft een diep, donker geluid. Ik heb nog nooit zo’n grote tuba op een bluespodium gezien, het ziet er wat komisch maar zeker indrukwekkend uit. Mooie vondst. De teksten gaan over slavernij, vrijheid en liefde en hij zingt in het Frans. Door het heerlijke ritme ontstaat er voor het podium één dansende menigte en het publiek is razend enthousiast. De tweede topper al vandaag.

Nummer drie vandaag is de A.J. Ghent Band uit Atlanta. Zanger en slidegitarist A.J. Ghent bespeelt zijn slide bovenhands en hoe! Meteen is duidelijk dat hij een echte klasbak is gezegend met een schitterende stem. De band bestaat verder uit zijn vrouw die keyboard en bas speelt , zijn zus die percussie speelt en Javaras Dunn de drummer. Die vrouwen zorgen voor geweldige achtergrondzang met prachtige harmonieën. Er is goede interactie met het publiek en de sfeer ook daardoor prima.

De slowblues It Ain’t Easy is er een van de bovenste plank. Gospel zit er in Make Your Mind Up. A.J. Ghent heeft qua uiterlijk en stijl wel wat weg van Prince en laat het volgende nummer Purple Rain zijn, met een daverende gitaarsolo in het middenstuk en met fantastisch hoge vocale uithalen op het eind. Het funky Let’s Go Dancing is vrolijk en de conga’s versterken het ritme. Het publiek vindt het geweldig, ondergetekende ook.

Daarna is Ruthie Foster aan de beurt, zij was hier vorig jaar ook. Zij maakte toen zo’n verpletterende indruk door haar onnavolgbare zangkunst. Zo zuiver, zo krachtig, zo helder, maar ook zo intiem, ze kan alles met die stem zoals we vorig jaar al hoorden. En het gaat zo vanzelf. Ook nu vertelt ze allerlei anekdotes en verhalen tussen en over de songs. In haar muziek zitten gospel (Brand New Day), soul (Phenomenal Woman), blues (Ocean Of Tears, Singing The Blues), boogie (Stone Love). Drumster Samantha Banks en bassist Larry Fulcher vormen een geweldige ritmesectie met dito stemmen.

Het voorlaatste optreden is van gitarist/zanger Eric Gales met zijn band, waarin Cody Wright bas speelt en wat voor een bassist is hij. Grandioos. Baslegende Leland Sklar noemt hem: ‘The most exciting bassplayer to be seen on the scene’ en dat zegt genoeg. Eric’s vrouw Ladonna speelt percussie achter op het podium naast drummer Nick Hayes.

Het intro begint met zalig funky basspel en drums waarin men meteen laat zien wat men in huis heeft. Ladonna kondigt Eric aan en hij gaat hierin direct mee. Een geweldig begin. Eric speelt funky en rockend. Voor het volgende nummer houdt hij een korte toespraak. Hij vraagt een moment stilte voor de slachtoffers van de aanslagen in Manchester en Londen, hij was op die momenten in die steden en zegt geluk te hebben gehad dat hij geen slachtoffer is geworden, dat we positief moeten blijven en goed voor en met elkaar moeten zijn. En het wordt even doodstil, wat een fijn publiek. Respect. Daarna dendert de Gales trein verder. Change In Me gaat over de verandering in zijn leven na de vijfentwintigste juli vorig jaar.

Sinds die tijd is hij na vijfentwintig jaar clean en heeft zijn leven en zijn vrouw terug, vertelt hij emotioneel voor het lied. Het gaat verder met een heerlijke Boogie (Boogie man), een fantastische slowblues en het instrumentale Swamp van zijn laatste album ‘Middle Of The Road’. Eric gaat daarin van het podium en bassist Cody en drummer Nick gaan jammen waarin Cody bassolo’s doet die zijn weerga niet kent. Bassist Jamie Roberts van de Mason Rack Band staat met open mond te kijken en zegt: “Just unbelievable”. Men heeft een fantastische show neergezet en Blues Magazine collega Edwin Birkhoff vindt dit een van de beste shows die hij gezien heeft.

Als afsluiter staat Doyle Bramhall II op het podium. Net als Eric Gales is hij linkshandig. Alle vier bandleden zingen en de harmonieën zijn goed. Zijn gitaarspel staat buiten kijf, zijn zang vind ik wat vlak, een beetje Eric Clapton-achtig bij wie hij al jaren in de band speelt.

Alle vier bandleden zijn fantastische muzikanten en de stijl varieert van jazz-funky tot rocky en alles daar zo ongeveer tussenin. Midden in de set verdwijnt Doyle even en de andere muzikanten spelen een soort experimentele freejazz waarbij de drummer Anthony Cole, die al eerder met JJ Grey hier in Schöppingen was, saxofoon speelt. Dan aan het eind van de set roept hij vriend Eric Gales op het podium en de heren maken er een heerlijke ‘gitaarbattle’ van in Green Light Girl, het rockt fantastisch en als afsluiter van dit prachtige festival een gouden greep!

Conclusie:
Het Grolsch Schöppingen Blues Festival was weer een schitterend gebeuren. Ook dit jaar stak men de nek uit om nieuw en (relatief) onbekend talent te laten debuteren. Zoals al eerder in dit verslag aangehaald waren negen van de twaalf bands voor het eerst in Duitsland en vijf voor het eerst in Europa en sommigen zelfs alleen voor dit festival. Er wordt in Nederland weleens geklaagd over het feit dat veel dezelfde bands op de festivals spelen en dan zeg ik: ‘kom eens naar Schöppingen, dat verrast, ook mij, ieder jaar weer’. Top!!

Links: http://www.kulturring-schoeppingen.de/