Grolsch sfeer

25ste Grolsch Blues Festival Schöppingen
13 – 14 – 15 mei 2016

Line-up: Mountain Men (F, AUS) – Roland Tchakounté (KAM) – Betty Fox Band (USA)- Christone ‘Kingfish’ Ingram (USA) – Shook Twins (USA) – Jeff Jensen Band (USA) – Jon Cleary Band – Henrik Freischlader Trio (GER) – Hat Fitz  & Cara (AUS) – Larkin Poe (USA) – Jason Ricci & The Bad Kind (USA) – Ruthie Foster (USA) – Jamell Richardson Band (USA) – Toronzo Cannon (USA)

Het is weer net als voorgaande jaren een prachtig festival. De organisatie, de altijd weer vernieuwende en verrassende muziek, de ongedwongen sfeer en het zeer vriendelijke personeel maken er samen weer iets unieks van. Helaas is het weer minder dan voorgaande jaren, koud en af en toe regen, maar gezien de zeer sombere voorspellingen valt het nog mee. Het publiek blijft alle avonden tot het einde, ondanks de lage temperaturen. Dat zegt zeker iets over de kwaliteit van de artiesten!

Tekst: Andre Wittebroek / Foto’s: Nineke Loedeman, album foto’s Grolsch Blues Festival Schöppingen 2016

Richard Hölscher en zijn team hebben weer een uniek programma samengesteld, iets waar het festival al jaren patent op schijnt te hebben.

JML_0501

Men wil een zo gevarieerd mogelijk programma aanbieden waarin altijd weer plaats is voor onbekend talent. Richard’s neus daarvoor is bijna legendarisch. De naam van dit relatief kleine festival, wordt steeds bekender, dit jaar werden er zelfs voor het eerst van alle optredens radio- en video-opnames gemaakt. Veel bluesstijlen waren weer vertegenwoordigd: akoestische blues, folkblues, bluesrock, Mississippi blues, Chicago blues, Afrikaanse blues, country blues, psychedelische blues.
Het motto van het festival is dan ook : Back to the Blues and Roots.

Vrijdag 13 mei.
De vrijdag begint met het optreden van het duo Mountain Men. Enkele jaren geleden stonden ze al met veel succes op dit festival en men wilde hen graag weer terugzien. Matthieu Guillon (akoestisch en elektrisch gitaar) en Iano Giddey (mondharmonica, zang, pantomime) maken er een feestje van. Hun show kenmerkt zich door folkblues welke is doorspekt met pantomime en humor. De interactie met het publiek is geweldig en dat wordt helemaal bij de show betrokken: meezingen, meefluiten, meepraten.

Mountain Men

Mountain Men (2)

Iano haalt de meest fantastische geluiden uit zijn mondharp en beschikt over een heerlijke stem. Hij vraagt het publiek de ogen dicht te doen, controleert streng en zingt dan op een intense schitterende manier: Georgia On My Mind. Iedereen kippenvel! Dan haalt hij de meest rockende gitaarachtige geluiden uit de harp, vervolgens pakt Matthieu de elektrische gitaar en de mannen rocken er stevig op los met een totaal nietszeggende tekst. En als het nummer afgelopen is: “Kijk zo maakt men dus een hit, die gaat dus nergens over!!” Zo gaat het optreden maar door, van de ene naar de andere verrassing. Top.

Roland Tchakounte

Daarna is het de beurt aan Roland Tchakounté. Hij was hier ook al eens eerder en dat beviel toen erg goed. Toen was het een trio met het accent op de Afrikaanse blues, nu ligt het accent meer op de Mississippi Blues. Hij zingt nog steeds in het Kameroenese dialect; het Bamiléké. De vorige keer was het een trio met natuurlijk Mick Ravassat, zijn vaste gitarist en vanavond zien we een vijfmansformatie met keyboard, basgitaar en drums erbij. De sound is daardoor anders, voller en krachtiger. Minder subtiel maar steviger en dat komt erg goed aan bij het publiek. Het is een schitterende set met veel drive en dat hemelse gitaarspel van Mick. Wat een geweldige mooie klank en toon heeft hij in zijn spel.

Mick Ravassat

De songs varieren van ZZ Top achtige stuwende boogie (Marlene Boogie) ; magistrale slowblues (Tchuite Blues Noum Seou) met een schitterend intro van toetsenist Anthony Honnet en werkelijk fabuleus intiem gitaarspel van Mick tot heerlijk akoestische Afrikaanse blues (Immigre, Meba Gangsta). Bij deze blues zijn alleen Roland en Mick op het podium en spelen akoestisch waarin de warme diepe volle stem van Roland het plaatje compleet maakt. Een absoluut hoogtepunt, dit optreden voor een zeer enthousiast publiek. (Na afloop vraag ik Mick waar hij dat gitaarspel met de klanken geleerd had. Conservatorium, muziekschool? “Nee hoor, gewoon thuis, van de radio. Veel naar gitaristen geluisterd en oefenen, oefenen en oefenen tot je het voor jezelf hebt gevonden!”)

Zaterdag 14 mei

Betty Fox band

De opening wordt verzorgd door de verrassende Betty Fox Band. Weer zo’n ontdekking van organisator Richard Hölscher. Ze zijn nog nooit in Europa geweest en alleen voor dit festival door Richard hiernaartoe gehaald. Een onbekende band maar met toekomst. Betty heeft een prachtige uitstraling en presentatie, beweegt goed en is veel in contact met het publiek. Ze heeft een volle soulvolle stem met passie. Ze kan echter ook knallen, maar niet schel, het blijft prettig. Ze overschreeuwt zichzelf niet. In de muziek zit funk, soul en blues. Veel lekkere grooves door het swingende spel van bassist Matt Walker en drummer Billy Dean en het puntige gitaarspel van John Nelms. Ze schrijft alle nummers zelf en vanavond speelde ze één cover: Rhymes van Al Green, ook bekend van de samenwerking Beth Hart/Joe Bonamassa. Betty is een geweldige ontdekking (het interview met haar volgt op Blues Magazine).

Betty Fox

Christone Kingfish Ingram

Daarna is het de beurt aan het talent waar veel van verwacht wordt: Christone ‘Kingfish’ Ingram. Deze (zeer stevige) jongen van net zeventien speelt geweldig gitaar maar boeit me minder. Alle nummers bevatten ellenlange solo’s en veel van hetzelfde. Hoeveel noten krijg ik in een minuut? Uitstekend spel, maar hij moet nog veel leren over zijn songkeuze en hij zou meer stiltemomenten in zijn spel moeten lassen. Voor zijn leeftijd heeft hij een goede, diepe, krachtige stem.

Christone Kingfish Ingram (2)

Helaas is zijn moeder ook storend aanwezig en bemoeit zich overal mee. Ze zit op een stoel op het podium in het zicht van het publiek en geeft haar zoon aanwijzingen, zelfs via borden die ze in de lucht houdt! Jammer voor Kingfish, hij kan zichzelf niet zijn, zo lijkt het. Hij doet nog een rondje door het publiek en dat komt wel goed over (even los van moeder denk ik..). Wanneer hij meer zijn eigen ding kan doen heeft hij zeker toekomst maar voor mij hoeft het zo niet. Tegenvaller.

Shook Twins

De Shook Twins zijn dan aan de beurt met hun folk/country blues. Na het geweld van Kingfish een welkome afwisseling. Ze komen uit Portland in Oregon en spelen een vrolijke dansbare countryblues, zoals The Hackensaw Boys, met instrumenten als banjo, mandoline, gitaar,ukelele, trommels, zelfs een zelf omgebouwde goudkleurige telefoon wordt gebruikt.

Shook Twins (2)

Katelyn en Laurie Shook zijn een tweeling, ze voelen elkaar perfect aan. Mooie, elkaar aanvullende stemmen in zuivere harmonie. Ze zijn gekleed als hippies en het heeft een zestiger jaren Flower Power sfeer. I’m Going Up The Country past er perfect in. Er zitten ook psychedelische effecten in de muziek, sferische tonen uit gitaar en zang. Ook veel geluidseffecten met de stemmen. (The Voice In My Head). Ze sluiten de set af met het meer bluesy Dirty Meat wat erg goed wordt gespeeld. Prima optreden (het interview met hen volgt later in Blues Magazine).

Jeff Jensen

De Jeff Jensen Band is de volgende band. Vanaf de eerste minuut is de energie ongekend. Gitarist Jeff Jensen rent, springt, danst over het podium en bassist Bill Ruffino doet niet veel voor hem onder. Veel bewegen, allerlei gezichtsuitdrukkingen en uitstekend spel zijn hun ding. Jeff beschikt over een mooie stem perfect passend bij de blues die ze spelen en die is vooral stevig, maar er zitten ook heerlijke rustige passages in.

Jeff Jensen (2)

Can’t Believe We’re Trough heeft duidelijk jazzy-invloeden en de instrumentale Texas-blues wordt up-tempo gespeeld. In de blues Heart Attack and Vine van Tom Waits smelten jazz, rock en blues heerlijk samen, Jeff gebruikt hier een megafoon voor de zang. Drummer David Green moet dit optreden hard werken om het tempo bij te houden, maar doet het met verve. Een goed energiek optreden van deze band die veel plezier uitstraalt op het podium.

Jon Cleary

Grammy Award winner Jon Cleary zit dan klaar achter zijn toetsen. Richard heeft hem vroeg geboekt en na de boeking wint Jon een Grammy, de Oscar van de muziek! Weer die goede neus. Hij komt uit New Orleans speelt piano en zingt en speelt die muziekstijl van New Orleans zoals Dr John en de pas overleden Alain Toussaint. Zalige muziek, warm, volbloedig, ritmisch, funky, soul, jazzy, zelfs gospel. Op bas Conny Williams en A. J. Horn op drums zijn geweldige muzikanten. Het swingt en groovt, je kunt er domweg niet bij stil zitten. Jon heeft een prachtige stem en is een genot om naar te luisteren. De band is perfect op elkaar ingespeeld , speelt retestrak en het zijn duidelijk topmusici. De zang van alle drie is fenomenaal. Het laatste nummer (helaas geen titel bekend) is een funky jazzrock van ongekende klasse. Het publiek swingt, klapt, schreeuwt mee. Fantastisch goed optreden. Dit was een grote verrassing voor mij, ik kende Jon Cleary nl. niet goed. Nu gelukkig wel.

Henrik Freischlader (2)

Als afsluiter van de avond was het de beurt aan het Henrik Freischlader Trio. Enkele weken geleden stond er een prima recensie van dit trio van hun concert in Piano Dortmund in Blues Magazine. De setlist bevat dezelfde nummers en de optredens zijn vergelijkbaar. Men begint met het stevige Got It Made en dan volgen Early Morning Blues, Business Straight, Masterplan, Openess, Nobody Else To Blame, Today I’m Gonna Change, High Expectations elkaar op, met een groot vuurwerk boven het podium en met de jam Wolkenwinde als laatste. Het wordt prima gespeeld maar Wolkenwinde op het eind vind ik een mindere keuze: Het is erg koud en het nummer duurt erg lang. In een zaal echt prima, maar nu is er meer behoefte aan een swingende, rockende afsluiter om warm te worden.

Henrik Freischlader

Zondag 15 mei
De zondag begint met het duo Hat Fitz & Cara Robinson. Hun muziek is een mix van Americana, country, folk en Indie. Hat Fitz bespeelt afwisselend gitaar en dobro en Carla trommelt er vrolijk op los, speelt fluit en wasbord , de instrumenten die bij deze stijl horen. De donkere stem van Fitz past goed bij de lieflijke stem van Cara.

Hat Fitz Cara

Hat Fitz Cara (2)

Cara is zeer vrolijk en geestig in de aankondigingen en heeft het publiek snel op de hand. Inde up-tempo nummers zit een lekker ritme zoals in Shake Down (zoals Cara aankondigt: A little shaking to keep you warm!). De langzamere songs zijn wat aan de eentonige kant. In het nummer Try wordt het publiek verdeeld in de mannen en de vrouwen en iedere groep zingt dan een regel om de beurt, totdat het weer wordt overgenomen door Fitz en Cara zelf. De muziek is puur en echt,maar niet zo mijn soort van muziek, maar dat is erg persoonlijk natuurlijk. Vooral de dames in het publiek genieten volop.

Larkin Poe

Larkin Poe bestaat uit de zusters Rebecca, eerste stem en gitaar en Megan Lovell, draagbare lapsteelgitaar en tweede stem aangevuld met een bassist en drummer. Ze hebben een compleet eigen stijl, die moeilijk te omschrijven valt. Vaak rockig, wat grungy (Black Betty) dan weer funky (Tornado) en gospel (Angels In The Trees) maar ook psychedelisch en dreigend (Bang Bang).

Larkin Poe (2)

Rebecca speelt zware gitaarriffs en accoorden met weinig solowerk, aangevuld met de meer ingetogener klanken van de lapsteel. Deze lapsteel geeft er een meer Southern tintje aan en ze soleert meer dan haar zus. Rebecca ’s stem is soms rauw, dan weer gevoelig en in de presentatie staat ze duidelijk op de voorgrond. Een echt podiumdier waarvan het plezier afstraalt. Tijdens het optreden begon het keihard te hagelen maar het publiek blijft staan. Dat zegt ook veel over de muziek en sfeer van dit optreden.

Jason Ricci

Dan is het de beurt aan Jason Ricci & The Bad Kind. In 2009 was hij ook op het festival en kon hij mij niet zo bekoren: wat inspiratieloos en ongeïnteresseerd. Ik verwachtte er dus niet veel van, ook al omdat ik persoonlijk niet van (te)veel mondharmonica houd. Maar nu……..Ze maken er een geweldig optreden van, zeer gedreven en gaan voluit. Een prima band en de bandleden krijgen alle ruimte van Jason. Hij bespeelt het publiek op een leuke manier. het lijkt allemaal voor sommigen wat over de top, maar ik denk dat hij zo is: zijn verleden waar hij open over praat en drukke gedrag zullen er toe bijdragen. De hese stem van Jason past perfect bij de muziek en dat hij een meester is op de mondharmonica is algemeen bekend. Wat een ongekend aantal klanken haalt hij eruit. In Walk On The Wild Side, in een schitterende uitvoering, is er een hoofdrol voor gitarist Sam Hotchkiss met een prachtig ingetogen solo.

Jason Ricci (2)

In de slowblues The Outsider wordt het doodstil op het terrein. Het gaat over iemand die nergens bij hoort en dat wordt grandioos vertolkt. Ikzelf zit met tranen in de ogen, zo mooi, zo gevoelig en dan die gitaar- en harpklanken en zijn snikkende zang. Emotie puur! Dit gaat dan naadloos over in I’m Too Freaky And I Want To Relax waarin New Orleans ritmes te horen zijn. Lekker. Het waargebeurde verhaal, zoals Ricci het aankondigde, My True Love Is A Dope Whore gaat over zijn vriendin die de hoer moest spelen om haar heroïneverslaving te betalen. De pijn knalt eruit in een zeer gevoelige harpsolo met schitterende klankbeelden. Een daverend applaus en geschreeuw is de beloning voor een magistraal optreden! Ik ben diep onder de indruk en had dit absoluut niet verwacht.

Ruthie Foster

Na Ricci staat het volgende hoogtepunt op het podium: Grammy Award winnares Ruthie Foster. Een heerlijk mens, vertelt mooie verhalen en anekdotes met veel humor.  Ze is zeer spontaan en vrolijk, maar het belangrijkste is natuurlijk de muziek en die is waanzinnig. Deze vrouw heeft een huiveringwekkend mooie stem, wat kun je daar nu over zeggen: mooier, beter bestaat niet. Zo zuiver, zo helder, zo krachtig en ze zingt zo gemakkelijk. Een van de beste zangeressen die ik ooit gehoord heb, misschien wel de beste.

Ruthie Foster (2)

In haar muziek zitten gospel (Brand New Day), soul (Phenomenal Woman), blues (Singing The Blues, Small Town Blues, Ocean Of Tears), funk (My Candle Lover), boogie (Stone Love) en als laatste een schitterend gezongen a-capella van de Blind Boys Of Alabama. Drumster Samantha Banks en bassist Larry Fulcher vormen een geweldige ritmesectie met dito stemmen. Historisch optreden!

Jamell Richardson

Het voorlaatste optreden is van gitarist zanger Jamell Richardson met een uitgebreide band achter zich met daarin orgel, saxofoon, bas, drums en tweede gitarist. Dit zorgt voor een mooi vol geluid waarin showman Jamell zich als gitarist kan uitleven. Hij speelt geweldig en eist door zijn beweeglijke podiumpresentatie (hij staat, rent, zit, ligt) alle aandacht op. Het is snel, goed, intens, lekkere swingblues. Maar ook de langzamere nummers beheerst men. Als eerbetoon aan B.B. King, zijn voorbeeld, spelen ze The Thrill Is Gone en door het prachtige saxofoonspel krijgt het een extra dimensie. In Sweet Home Alabama zit een verrassend funky tussenstuk uit Sex Machine van James Brown met funky bassolo. Vernieuwend is Jamell niet, maar het klinkt gewoon lekker.

Toronzo Cannon (2)

Als laatste van de in totaal veertien bands komt Chicagobluesman Toronzo Cannon op het podium, die gezien wordt als de volgende generatie van de Chicagoblues. Zijn optreden is van grote klasse. Het groovt meteen al met het eerste nummer I’m A King Bee met strakke ritmes en puntig gitaarspel. De stijlvolle blues John The Conquer Root wordt gevolgd door het vlotte Midlife Crisis met een heerlijke toon. Funkblues en slowblues wisselen elkaar af. Na de blues Fine Seasoned Woman komt vriend Khalif Wailin’Walter op het podium en jammen ze samen. Daarin komt het gitaarspel van Toronzo veel soepeler en volwassener over. Maar het is leuk te zien.

Toronzo Cannon

Omdat het nu nog maar vijf graden Celsius is, knap koud dus, verblijdt Toronzo ons met een uiterst dansbare boogie waarin hij het publiek aanspoort te klappen en als afsluiter komt een swingende funky uitvoering van Miss You van de Rolling Stones en gaat iedereen compleet uit zijn dak. “Even warm swingen” aldus Toronzo! Ondergetekende ook. Tijd voor een toegift is er niet, ook al wordt erom gesmeekt. Het is inmiddels 00.30 uur en het is goed zo! Een perfecte afsluiter van een fantastisch festival.

Conclusie:
Zoals uit dit verslag blijkt is het weer een zeer geslaagd festival geweest. Zoals altijd in Schöppingen staan ontdekking, vernieuwing en variatie bovenaan op de agenda. De programmering is weer uit de kunst en de ‘echte’ blues is weer ruim vertegenwoordigd. Regelmatig is er kritiek op bluesfestivals dat er te weinig aandacht is voor de pure blues, maar dan zeg ik: “Kom eens naar Schöppingen! ” Daar zie je het nog!

Links: www.kulturring-schoeppingen.de

JML_0486

JML_0478

Jason Ricci (3)

Jamell Richardson (2)

Ruthie Foster (3)

Album foto’s Grolsch Blues Festival Schöppingen 2016