Rhythm & Blues Night 2014

24e editie RHYTHM & BLUES NIGHT 2014, Oosterpoort, Groningen, 3 Mei 2014
5 podia, een kleine 3000 bezoekers

Tekst: Jeroen Bakker en Mark Harmsma / Foto’s: Marco van Rooijen
Meer foto’s: zie fotoalbum Marco

Afgelopen zaterdag 3 mei vond in De Oosterpoort in Groningen de zoveelste editie van de R&B night plaats. Bluesmagazine had meerdere reporters ter plekke.

De gemoedelijkheid van buiten de Randstad, perfecte organisatie en goede affiche maakte ook deze editie tot een succes. In de Oosterpoort vind je moeiteloos je weg naar de diverse podia en zalen, kost een gewoon biertje 2,50 en hebben ze ook La Chouffe van de tap. Als je ’s avonds laat trek krijgt is er binnen het gebouw een snack te krijgen, en als je rookt of gewoon even moe bent zijn er riante lounge sets in de eveneens riante open air rookruimtes. Ook de programmering is, voor een 1 daags festival, opvallend goed: je kunt echte dampende blues horen, maar als je andere muziekstromingen met blues gemengd wilt zien kom je ook ruimschoots aan je trekken. Het festival begint om 20:00 en duurt maar liefst tot 03:00.

Iets na 19:00 druppelen de eerste gasten al binnen. Op dat moment zetten Doug Macleod en Coco Montoya de muzikanteneetzaal nog op stelten: het zijn oude vrienden van ‘on the road’ en hebben erg veel lol, waar iedereen van mag meegenieten en omdat het zulke pretletters zijn is dat ook hoe de overige aanwezigen hun escapades beleven. Beide heren trappen om 20:00 af met een set van een uur. We zien Doug Macleod solo in de binnenzaal, met een opvallend groot publiek voor een eerste (solo-)act: er zullen zomaar 200 man binnen zijn. Hier gaat het aaneen rijgen van anekdotes tussen de nummers gewoon door, het publiek smult van deze fijne persoonlijkheid en zijn verhalen van het leven on – and off – the road. Muzikaal kent een solo-act natuurlijk beperkingen, we vallen in een gedeelte van de show waarin de zanger/gitarist zijn akoestische gitaar in een open D akkoord heeft gestemd en slide speelt en zo een aantal nummers achter elkaar brengt. Al met al een vermakelijke openingsshow en datzelfde geldt zeker ook voor Coco Montoya.

Coco Montoya

Ik had een meer pure blues associatie met deze – inmiddels ook – oudgediende (hij is als drummer begonnen in de band van Albert Collins, jaren ’70) maar zijn set is doorspekt met soul- en funky invloeden. Alweer jaren actief als gitarist, maakt hij efficiënt gebruik van het door hem aangevoerde kwartet (toetsen, bas, drums). Ondanks dat hij vooraf opmerkte dat hij ‘slechts’ een uur speeltijd had, deinst hij er niet voor terug om lekker laid back een funkgroove van meer dan 10 minuten neer te zetten, die van begin tot eind blijft boeien en swingen. Fijn! Na beider shows zoeken de heren elkaar weer op in de coulissen, en nu gaan de verhalen pas echt los. De heren steken elkaar de loef af met verhalen over touren en ontmoetingen met Albert Collins, Big Joe Turner, Albert King, BB King, Stevie, Robert Cray enzo door. Doug speelde in de band van Big Joe Turner en vertelt hoe de band capriolen uithaalde om Joe’s kunstgebit met de eigenaar te verenigen nadat laatstgenoemde in een whiskyroes aan z’n gig begonnen was, zichzelf van het gemis niet bewust… Als Doug de gezichten reproduceert die de vriendin van de toenmalige bassist trok, ter ondersteuning van haar pertinente weigering om de tanden van deze 6.4 feet tall drankorgel uit de kleedkamer te halen, rollen de heren letterlijk over de grond van het lachen (MH).

Aangezien het interview met Susan Tedeschi en Derek Trucks vlak voor aanvang van het festival gehouden werd bleek het niet mogelijk om een glimp van Band of Heathens op te vangen. Naar verluidt bleek de kleine zaal van De Oosterpoort daadwerkelijk te klein voor het Texaanse viertal met hun American alternative rootsrock.

Op het moment dat daar de laatste noten gespeeld worden is de grote zaal, al ruim van tevoren eveneens goed gevuld, in afwachting van de gitaarheld/zanger Jonny Lang. Lang behoort met zijn band vanavond tot één van de publiekstrekkers. Hoewel het optreden nauwelijks verschilt met zijn laatste optreden in Nederland en het geluid verre van optimaal is, lijkt de favorietenrol door de 33-jarige muzikant zonder enige twijfel te worden waargemaakt. Opener Blew Up (The House) wordt gezien het aantal decibellen vrij letterlijk genomen en ook tijdens Don’t Stop (For Anything) missen we de nuances enigszins. Pas tijdens That Great Day wordt er iets ingehouden maar daar wordt weer op dusdanig stichtelijke wijze aandacht getrokken dat het bijna aandoenlijk wordt. Is er overigens nog iemand in de zaal die Lang van zijn aanstelligere gelaatsuitdrukkingen kan afhelpen? In werkelijk iedere lange noot doet hij het namelijk voorkomen alsof het uiterste wordt gevergd. De funky uitvoering van Stevie Wonder’s Living For The City gaat gelukkig een stuk soepeler en de bluesballad A Quitter Never Wins kan zelfs als een voorlopig hoogtepunt van de avond worden genoteerd. (JB)

Jonny Lang

Even na 10 uur halen we een pils in de foyer. Vast van plan om eerst naar Barrelhouse door te lopen houd ik in, in de Foyer brengt Marc Ford & his band een mooi stuk muziek. Het goede geluid, de subtiliteit en zichtbare toewijding van de muzikanten zuigen me naar vlak vooraan het podium: zeker boeiend voor een paar nummers, maar misschien overall wel te rustige muziek voor dit uur in de Foyer! De 6 mans formatie brengt mooie liedjes met goede meerstemmige samenzang: Americana, country invloeden, Southern Soul en veel muzikaliteit. Alleen de drummer en bassist houden het bij 1 instrument, de andere 4 muzikanten switchen regelmatig akoestische en elektrische gitaren, pedal steel en keyboards.

Marc Ford zal voor altijd worden herinnerd aan zijn succesvolle bijdragen aan enkele Black Crowes-platen uit de jaren negentig. Tegenwoordig is er nog weinig dat herinnert aan die, in vele opzichten, wilde periode. Ford heeft zich toegelegd op het singer/songwriterwerk en laat zich in de studio zelfs begeleiden door vrouw Kirsten en zijn zoon, gitarist Elijah. Niets mis mee en helemaal niet als we op het podium van De Foyer in Groningen ook nog eens de ex-bandleden van Phantom Limb aantreffen. Het is een slim bekeken wederdienst want Ford produceerde het waanzinnig mooie allerlaatste album van die band. Nog slimmer was het geweest om ook Yolanda Quartey, de ex-zangeres van Phantom Limb er bij te betrekken. Zij slaagde er namelijk wel in om met haar stem de aandacht van de eerste tot de laatste minuut vast te houden. Veel staat in het teken van het nieuwe album ‘Holy Ghost’ dat overal op uitstekende recensies kan rekenen, maar wij hebben gaan toch nog even 20 minuten meepikken van Barrelhouse (JB & MH).

Marc Ford & Band

Door eerst Marc Ford te checken, en doordat we op tijd willen zijn voor TTB, lukt het ons om slechts 20 minuten mee te pikken van de jubilerende (40!) Dutch Blues Hall of Famers Barrelhouse. Andermaal tonen zij moeiteloos aan waarom ze al 40 jaar meedoen. Met het grootste gemak toveren ze beukende shuffles, authentieke slowblues, soul en boogies uit de hoge hoed en het lijkt wel alsof ze er alleen maar meer lol in krijgen (MH)!

Barrelhouse

Sarah Lee Guthrie & Johnny Irion zijn niet de enigen vanavond die moeite hebben om werk en privé gescheiden te houden. Naast Marc Ford die zich op zijn laatste album liet bijstaan door zijn vrouw Kirsten en het muzikantenpaar Tedeschi Trucks, hebben ook deze twee ervoor gekozen om samen verder door het leven te gaan. Daar heeft die Irion een mooie partij aan de haak geslagen. Sarah Lee is niet alleen de dochter van Arlo Guthrie maar ook familie van de legendarische Woody. De jongens van Wilco hebben zich nadrukkelijk met het laatste album Wassaic Way bemoeid dus is het logisch dat Americana- en folkliefhebbers hier ruimschoots aan hun trekken komen. 9 Out of 10 Times wordt zeer ingetogen maar loepzuiver uitgevoerd terwijl het publiek de adem inhoudt. Zelden hoorden we op de R&B Night twee stemmen en twee akoestische gitaren die zo prachtig bij elkaar passen.

Sarah Lee Guthrie & Johnny Irion

Dan maakt Groningen zich op voor het echte vuurwerk, de band waarvan de foto op de R&B Night-affiche prijkt: Tedeschi Trucks Band. Derek Trucks heeft aan De Oosterpoort speciale herinneringen: 9 jaar geleden was the Derek Trucks Band de hostband van het Steeling & Sliding Festival. Dit festival, geïnitieerd door (toenmalig) NPS radiomaker Paul Harvey, was de eerste serie optredens in Europa van Derek & consorten. Het eerste optreden op Europese bodem, en de 3 dagen van oefenen daaraan voorafgaand, vonden plaats in De Oosterpoort. Uw Bluesmagazine reporter Mark was tijdens dat festival gitaar technicus en niet voor niets zijn wij vandaag in het gezelschap van diezelfde Paul Harvey. Nadat we als oude vrienden begroet zijn door Derek, dwalen de gedachten af naar de tussenliggende 9 jaar. Zijn 2 jaar touren met Clapton, the Allman Brothers, 3 Grammy Awards op zak, op plaats 16 van de 100 gitaristen aller tijden van Rolling Stone Magazine en het unieke rondreizende muziekcircus – in de traditie van Delany & Bonnie, of Joe Cockers Mad Dogs & Englishmen – dat de Tedeschi Trucks Band heet, zorgen zo onderhand ook in Europa voor behoorlijk succes.

Als de band het podium betreedt laten ze er geen gras over groeien, ze hebben slechts 5 kwartier. Het is muziek maken van het hoogste niveau. Susan Tedeschi heeft weleens gezegd dat, muzikaal gezien, Derek de band leidt zoals in de jaren 60 jazz ensembles werden geleid. De contouren staan vast, maar ondanks het grote gezelschap is er muzikale vrijheid naar gelang de vorm van de avond en geen vooraf ingestudeerd verloop van A tot Z. Ieder kent  zijn rol in relatie tot het grotere geheel. Ingetogen, swingend, vet, gillend, exploderend en bombastisch wanneer het moet, en altijd is er een extra dimensie juist door het grote gezelschap. Als Susan opzij stapt komt Mike Mattison naar voren voor een TTB versie van “Get What You Deserve” van de dTb Grammy winner Already Free, waar Susan en Derek om de paar maten tegen elkaar op soleren.

De blazerssectie ondersteunt de arrangementen op vernuftige wijze, je zou ze missen als ze er niet zijn maar ze zijn niet overheersend. In Freddie Kings “Same Old Blues” legt niet de Hammond B3 van Kofi Burbidge een tapijtje onder Dereks solo, en ook de blazers zijn even opzij gestapt, want de backing vocals sectie neemt deze honneurs waar, waardoor het nummer een gospel feel mee krijgt. En naast de meestergitarist staat natuurlijk zijn vrouw en Grammy Winner Susan Tedeschi, die zich al evengoed een ongeëvenaard eigen identiteit heeft weten te verwerven. Wat kan ze mooi zingen, maar toch altijd met een randje rauwe scheur als ze de registers open trekt.

We krijgen soul, funk, blues, jazz, alles door elkaar heen. Sax, trompet en trombonesolo’s, een bassolo, de 2 drummers die elkaar opzwepen en bovenal is duidelijk dat dit het ensemble van de meestergitarist is. Achter mij staan 2 jongens van nog geen 25 jaar, met open mond te kijken naar deze live sensatie. 11 Juli staan ze op het North Sea Jazz Festival! (MH)

Tedeschi Trucks Band

Tedeschi Trucks Band

Tedeschi Trucks Band

Jarenlang kon je niet om ze heen, op werkelijk iedere festivalaffiche in binnen- en buitenland stonden ze vermeld. Tegenwoordig doen de heren van Drippin’ Honey het alleen als ze er echt zelf zin in hebben. Na een break van bijna tien jaar besloot de complete band om in 2012 de draad weer op te pakken met optredens waarbij gebruik werd gemaakt van een gastmuzikant. In Groningen is dat toetsenist Bas Janssen, door zanger/gitarist Sander Kooiman aangekondigd als ‘nieuw talent of eigenlijk oud talent maar voor ons een nieuw bandlid’. Beiden zagen we eerder dit jaar al eens excelleren in de begeleidingsband van Big Pete in de North Sea Jazz Club. Het is daarnaast weer een groot genoegen om Kim Snelten, door velen nog altijd gezien als de beste blues-harpist van de Lage Landen, met zijn vertrouwde moves op het podium terug te zien. My Words My Eyes, Cross Eyed Cat, Few and Far Between, meeslepend alsof de tijd heeft stil gestaan maar nog altijd met overtuiging uitgevoerd. Genoeglijk is het ook om materiaal van de helaas te vroeg overleden Lester Butler door deze muzikanten uitgevoerd te zien worden. Op meer dan waardige wijze wordt met The Hook nog altijd respect getoond voor de voormalige Red Devil. (JB)

Drippin' Honey

De blues-puristen liepen er met een wijde boog omheen maar met het boeken van King Khan & The Shrines toonden de heren programmeurs in Groningen aan over een behoorlijke dosis lef te beschikken. Met de maniakale frontman Arish Ahmad Khan weet je eigenlijk nooit echt goed wat je kunt verwachten maar dat het een dolle boel wordt staat als een paal boven water. Khan zou later op de avond het podium bespringen bij The Sonics. Deze keer niet met zijn BBQ Show maar met The Shrines krijgt het publiek in de foyer een freestyle mix van rhythm & blues, psychedelische soul, garage en rock voorgeschoteld waarbij het stoom uit de speakers knalt.

Voor diegenen die het liever iets minder wild hebben biedt Don Flemons uitkomst met een akoestisch solo-optreden waarin allerlei roots-gerelateerde zaken aan bod komen. De blues voert echter de boventoon. Sinds enige tijd maakt hij geen deel meer uit van The Carolina Chocolate Drops maar met zijn one-man-show weet hij het publiek op eigen kracht prima te vermaken. Het is een muzikaal veelzijdig optreden waarin op respectvolle wijze naar het verleden wordt gekeken en waarin de nodige hoeveelheid humor verstopt zit. (JB)

JJ Grey & Mofro

JJ Grey & Mofro

Na even te zijn bijgekomen zien we het 2e gedeelte van de show van JJ Grey & Mofro, het is een zeer energieke show waarin de muzikanten weer tot het uiterste gaan. Nu besef ik mij waarom ik de live plaat niet grijsgedraaid heb: deze jongens moet je zien, je moet ze ruiken en je moet ze voelen. Wat een show, Southern Music ten top! Heel Barrelhouse is blijven plakken en staat aan de zijkant van het podium te genieten van deze show. Hoewel Grey alles geeft in de show van een uur, is backstage te merken dat de man nog veel meer energie had dus die kun je gerust avondvullend gaan zien! Hij praat nog honderduit over zijn thuis, maar als het gesprek op the United Kingdom komt (zijn vrouw blijkt uit London te komen), praat hij al net zo gepassioneerd over de Engelse voetbalcompetitie.

Hoewel er sprake is van de nodige vermoeidheidsverschijnselen, volgen we een advies om Patrick Sweany & Band te zien in de entreehal. De jonge band is enthousiast en ze spelen best goed, leuk repertoire, maar toch ook zijn de songs weer niet catchy genoeg dat het me voor de 5e keer deze avond echt bij de strot kan grijpen. Laten deze mannen vooral heel veel spelen de komende 5 jaar, dan zie ik ze graag nog eens! Als ik nu een uurtje had mogen uitblazen met Marc Ford had ik wel geprobeerd om het tot 03:00 vol te houden, nu lonkt het B&B en daar gaan we richting 02:00 dan ook maar eens heen. Wat een fijn festival, die R&B Night. (MH)

Patrick Sweany & Band

Samen met Barrelhouse behoort The Sonics tot de langst bestaande bands van het festival hoewel de eerlijkheid gebiedt te vermelden dat laatstgenoemde een zeer lange periode ‘on hold’ heeft gestaan. Al vanaf het prille begin in de jaren zestig bleken deze legendarische Amerikaanse garagerockers van grote invloed op de muziekscene en ook in de jaren tachtig spraken artiesten als Kurt Cobain en Bruce Springsteen hun bewondering voor deze ruige rockers openlijk uit. Het lijkt er sterk op dat deze ruige zeventigers bezig zijn met een rigoreuze inhaalslag. Pas in 2010 kon men in Nederland voor de eerste keer live kennismaken met het vijftal maar de optredens in zowel Paradiso als op het Speedfest Festival smaakte naar meer. Het is al 2.00 uur wanneer een snoeiharde Cinderella door de speakers knalt en een minstens zo heftige Shot Down met knetterfelle riffs in een moordend tempo worden afgevuurd. Een groot deel van de bezoekers is al thuis of nog onderweg maar voor het podium in de kleine zaal onstaat al snel een wilde pit en spreekt Rob Lind, bandlid van het eerste uur, zijn waardering uit: ‘You guys are a real bunch of rockers’, aldus de zanger/saxofonist. Have Love Will Travel, Keep A-Knockin’, Boss Hoss, Louie Louie, Psycho… Ze komen allemaal voorbij. Er is zelfs onbekend materiaal te horen van het in augustus te verschijnen nieuwe album. Het venijn zit echter in de staart als de toegift Strychnine wordt gevolgd door Don’t Need No Doctor en The Witch. Om 3.00 uur mogen Lind en zijn mannen het licht uitdoen in de kleine zaal. De tourbus zal slechts enkele uren later alweer vertrekken voor het volgende optreden in Brighton.

Terwijl men zich in Nederland langzaam opmaakt voor het ‘allerlaatste’ optreden van The Rolling Stones heeft de R&B Night 2014 dankzij een ander stel zeventigers zijn allerhardste editie ooit achter de rug.

Wanneer we murw gebeukt de foyer inlopen voelen we de loodzware reggae-rock van het Canadese Big Sugar weliswaar door de broekspijpen vibreren maar we verstaan er niets van. Zeer waarschijnlijk zijn Revolution Per Minute en Joe Louis de allerlaatste nummers van de band.

Spijtig genoeg hebben we ook Claude Hay moeten missen maar die zullen we zeer binnenkort zeker gaan terugzien in Nederland. (JB)

Claude Hay

Pokey LaFarge

Doug Macleod

Meer foto’s zie fotoalbum Marco
en op fotobluesrock.nl