Fabrizio Grossi, Leslie West and Zakk Wylde

Fabrizio Grossi, Leslie West and Zakk Wylde (bron http://fabriziogrossi.com/gallery/)

Supersonic Blues Machine – Interview met Fabrizio Grossi

Tekst: Jeroen Bakker

De 48-jarige Grossi kent de muziekwereld door en door. Hij werkte ooit als vertegenwoordiger van een platenlabel en als muzikant of producent begeleidde hij artiesten als Alice Cooper, Steve Vai, leden van zowel Alice In Chains, Red Hot Chili Peppers als Guns ’N Roses, George Clinton, Paul Stanley van Kiss, Ice-T, Joe Lynn Turner, Glenn Hughes en Mick Jagger, om er maar een paar te noemen. Grote kans dus dat je thuis iets in de platenkast hebt liggen waarop je zijn naam tegenkomt.

Fabrizio Grossi is zoals zijn naam doet vermoeden van Italiaanse afkomst. Hij is geboren en opgegroeid in Milaan, maar had al op vroege leeftijd een enorme drang om de wereld te verkennen. Nog voordat hij zijn twintigste verjaardag had gevierd, was ‘Fab’ al via een omweg naar Amerika verhuisd met maar één doel voor ogen: slagen als muzikant. We spreken een producent/zanger/bassist/producer en oprichter van een zeer bijzondere muzikale samenwerking of – zoals hij het liever noemt – kameraadschap: Supersonic Blues Machine…

“Holland?!”, klinkt het enthousiast aan de andere kant van de lijn als hij vraagt waar dit telefoontje vandaan komt. “Rotterdam en Amsterdam heb ik ooit wel eens bezocht als toerist maar nog niet eerder als muzikant”. In 2016 zou daar dus best verandering in kunnen komen. Op het moment dat we elkaar spreken staan er alleen in Amerika enkele optredens op de agenda. Er zullen daar enkele clubshows in het voorjaar gaan plaatsvinden en daarna zijn er de festivals en zal Noord-Amerika in het najaar volgen. Europa zal daar vrijwel zeker aan worden toegevoegd, maar we zullen nog even geduld moeten hebben voordat we het power-trio hier kunnen aanschouwen. We moeten niet vergeten dat de muzikanten er nogal wat andere klussen op na houden. Het zijn namelijk niet de minsten die zich in dit gezelschap bevinden.

“De planningen van de bandleden zullen goed op elkaar moeten worden afgestemd”, aldus Grossi. “De kern van Supersonic Blues Machine bestaat uit zanger/gitarist Lance Lopez, Kenny Aronoff op drums en ikzelf speel bas. Er zullen daarnaast nog een toetsenist en een tweede gitarist worden aangenomen voor de optredens die we gaan doen. Het wordt een ‘Blues-Rock-Soul-Jam Extravaganza. Zo is Kenny op het moment weer heel druk met John Fogerty en er volgen met hem nog veel meer optredens dit voorjaar dus dan weet je het wel.”

Aronoff behoort al sinds jaar en dag tot de meest gevraagde sessiedrummers. John Mellencamp, Brian Wilson, Melissa Etheridge, Jack White, Billy Gibbons, Eric Clapton, Mick Jagger en voorheen ook Johnny Cash of Joe Cocker maakten graag en veelvuldig gebruik van zijn diensten. Grossi is verheugd samen te kunnen werken met de drummer. ” Het is niet moeilijk om in een stad als Los Angeles muzikanten tegen het lijf te lopen maar als je zoals ik een bepaald doelwit op het oog hebt is het verrekte handig dat je goed met iemand als Steve Lukather kunt opschieten”. Toen Fab hem enkele jaren toevertrouwde eens dolgraag iets met Kenny Aronoff te doen regelde de Toto-gitarist meteen een afspraak voor de twee.

Fabrizio Grossi“Zowel Kenny als Lance zien dit niet als het zoveelste tussendoortje of project. Alles zal er de komende tijd op gericht zijn om Supersonic Blues Machine serieus van de grond te krijgen”. Fab spreekt nadrukkelijk niet van een band, en al helemaal niet over een ’superband’, wanneer hij het over Supersonic Blues Machine heeft. “We zijn een groep gelijkgestemden, zielsverwanten of nog beter: een kameraadschap. Ik heb getracht alle unieke talenten bij elkaar te krijgen om iets organisch te creëren. Een werkwijze die in de vroege jaren zeventig niet vreemd was voor bands als The Who en The Rolling Stones. Daar kon tijdens de opnamen werkelijk iedereen aan boord van ‘The Magic Bus’ stappen om mee te werken. In de gelijknamige tour van The Who gebeurde dat ook. De allerbeste artiesten kwamen tijdens het optreden meespelen.”

“Zoals je op het album kunt horen zijn er hier ook diverse gasten, voornamelijk vrienden van ons, betrokken geraakt bij het opnemen van ‘West of Flushing, South of Frisco’ en sommigen daarvan zullen ons ook tijdens de optredens gaan vergezellen. Wie dat zijn ga ik je nog niet vertellen omdat dit nog onzeker is. Het zal iedere keer weer een verrassing zijn maar ik beloof je dat het interessant wordt”. Dat lijdt geen enkele twijfel wanneer je het indrukwekkende rijtje gastartiesten vermeld ziet staan. Wat te denken van de eerder genoemde Billy Gibbons, Walter Trout, Eric Gales, Robben Ford, Warren Haynes en Chris Duarte.

“Billy zal binnenkort enkele keren met ons op het podium staan maar in de zomer heeft hij een druk programma met ZZ Top. De kans is groot dat wij op korte termijn al met Robben Ford en Eric Gales de tournee gaan starten en het zou ook zomaar kunnen dat Walter Trout hier en daar komt opdagen. Ik moet benadrukken dat het helemaal niet makkelijk is om dit allemaal te regelen hoor”, voegt hij er snel aan toe. “Met Walter ben ik trouwens al heel lang goed bevriend en het idee om eens iets samen te doen speelde al geruime tijd. Plotseling werd ik opgeschrikt want ‘the health-issue kicked in’. Gelukkig herstelde Walter op wonderbaarlijk snelle wijze en konden we onze samenwerking hervatten. Ik belde zijn vrouw en terwijl wij ons afvroegen of Walter in staat was om de studio te bezoeken, had hij zijn gitaar al ingepakt alsof het de gewoonste zaak van de wereld was. Ineens kwamen alle stukjes bij elkaar.”

“Het was weer een typisch voorbeeld van ‘het juiste moment met de juiste mensen op de juiste plaats’. Het resultaat heet ‘Can’t Take It No More’ en het behoort absoluut tot een van mijn favoriete tracks.” Grossi is zich er terdege van bewust dat een samenwerking met zulke topmuzikanten nog geen garantie is voor een geslaagd album. “Ik heb heel veel ruimte open gelaten om deze mensen hun eigen draai aan de composities te kunnen geven. Iedereen weet wat zij kunnen. Het zijn gevestigde namen maar ik zie het begrip ‘gevestigd’ in dit geval niet als een commercieel aspect. Gevestigd zijn die muzikanten die een bepaald geluid hebben ontwikkeld en volgens mij zijn hiervan een paar prachtige voorbeelden te beluisteren. Het maakt van ‘West of Flushing, South of Frisco’ een goed gevarieerde collectie bluestracks”.

Hij klinkt bijna verontschuldigend als hij vertelt dat de composities, met uitzondering van Bobby Bland’s ‘Ain’t Love In The Heart Of The City’, hoofdzakelijk op zijn naam staan genoteerd. “Het aandeel van Warren Haynes in ‘Remedy’ en Walter Trout op de track ‘Can’t Take It No More’ mag je natuurlijk niet onderschatten. Ik heb bovendien veel geschreven met een co-writer. Zijn naam is Serge Simic, leadzanger van The Slam, een hardrockband. Hij is al heel lang een van mijn beste vrienden”.

Het kameraadschap lijkt ook nu sterk de rode draad door dit hele verhaal. Een verhaal waarbij Grossi met zijn muzikale kameraden terug gaat naar de essentie van waar het volgens hem allemaal is begonnen: de blues. “Ik vergelijk het, als Italiaan, met een gerecht waar de blues de pasta is in het Italiaanse eten. Je kunt alle ingrediënten in de pasta gooien die je lekker vindt maar de pasta blijft het hoofdbestanddeel van de maaltijd. ‘I’m the chef and blues is my pasta’ begrijp je?”

Website: www.supersonicblues.com