Recensie: Ultan Conlon – Last Days Of The Night Owl

Ultan Conlon – Last Days Of The Night Owl
Format: CD – Digital / Label: DarkSideOut Records
Releasedatum: 6 april 2018

Tekst: Peter Marinus

Het trefwoord van deze recensie is ongetwijfeld “sprankelend”. Want vrijwel elk nummer op dit vijfde album van de Ierse singer-songwriter Ultan Conlon heeft een sprankelend geluid. Ultan komt uit het plaatsje Galway en is gelukkig genoeg om ook heel veel tijd in zijn tweede huis in Californië door te brengen. In het verleden werkte hij samen met de Schotse singer-songwriter John Martyn en vormde hij, samen met John Conneely, het duo Ultan John.
Zijn nieuwste album werd geproduceerd door Colin Elliott, onder meer bekend van zijn werk met Richard Hawley. Op het album staan nummers waarin 70’s folkinvloeden terug te vinden zijn en verwijzingen naar het werk van o.a. Van Morrison, The Everly Brothers en zelfs naar Cliff Richard & The Shadows!

Het album begint met het sprankelende (daar is ‘ie weer!) As The Light Gets Low waarin het geluid van Al Stewart terug te horen is. Het aangename warme stemgeluid van Ultan is hier ingepast in een bed van tintelende gitaren en strijkers. The Town Square is een warme mid-tempo ballad die eigenlijk dezelfde prima elementen bevat als het voorgaande nummer. Een zeer intiem en pakkend nummer met prachtige stemmige blazers. Mag ik zeggen dat het hier om een pareltje gaat? De ballad Hall Of Mirrors zit meer in het Van Morrison straatje, mede door de warme jazzy bas en piano, die naadloos in het folky geluid ingepast worden. Fond Memories heeft een flinke vroege jaren 60 rock & roll injectie, door de twangende gitaar. Een loom deinend folky nummer met heerlijke Beach Boys-achtige achtergrondzang. Die twangende gitaar blijft nog even hangen in Sorrow Ease dat door de mooi huilende steelgitaar een country gevoel krijgt. Ojai is een lui zwevende ballad met een warm huilende steelgitaar en fluwelen achtergrondzang. In de akoestische ballad Hurt Inside hoorde ik zowel The Sutherland Brothers (“The Arms Of Mary”) als Smokie (“Living Next Door To Alice”) terug, zonder dat dat trouwens storend was. Daar zorgde die prachtige viool wel voor. Time To Mourn heeft hetzelfde rootsrock geluid dat op de 80’s albums van The Everly Brothers ook te horen was. Dus een prima mix van pop, country en rock & roll. Het geluid van Cliff Richard & The Shadows duikt met name in het intro op van de single The Measure. Dat komt hoofdzakelijk door het Hank B. Marvin achtige gitaarwerk. Twice A Child is enigszins te vergelijken met het countrywerk van een Nick Lowe. En evenals Lowe levert Ultan een zeer pakkend en sprankelend soort van rootspop af. In de ballad A Weak Heart Of Mine zit een flinke dosis soul waarin de zwevende steelgitaar voor een country touch zorgt. Een nummer dat vergelijkbaar is met “I’ve Got Dreams To Remember” van Otis Redding.
Ultan sluit zijn album af met de intieme en breekbare akoestische ballad The Fine Art Of Happiness.

Dit album van Ultan Conlon is er eentje, dat je met veel plezier keer op keer opzet. Het wordt nu eens hoog tijd dat wij beter kennis gaan maken met deze getalenteerde Ier.


Tracklist:
01. As The Light Gets Low
02. The Town Square
03. Hall Of Mirrors
04. Fond Memories
05. Sorrow Ease
06. Ojai
07. Hurt Inside
08. Time To Mourn
09. The Measure
10. Twice A Child
11. A Weak Heart Of Mine
12. The Fine Art Of Happiness

Website: Ultan Conlon

5 juli 2018|Categories: Recensies|Tags: |0 reacties

We horen graag je mening! Voeg reactie toe