Dudley Taft – Left For Dead

Format: CD/ Label: MIG Music/ Release: september 2011
Cosmox.nl, Blues CD’s online bestellen

Tekst: Eric Campfens

De naam Dudley Taft zal velen niets zeggen. Mij kwam hij in ieder geval niet bekend voor en dat wil toch wat zeggen. Toch draait deze man al geruime tijd mee in de muziek. Geboren in1966 inWashington DC en opgegroeid in het Middenwesten van de VS verhuisde hij in 1990 naar Seattle. Daar maakte hij deel uit van bands als Sweet Water en Second Coming. Daarnaast speelde hij vaak samen met zijn vrienden uit Alice In Chains. Hij komt uit een familie die succes heeft in zaken, de advocatuur e.d., maar Dudley koos voor de muziek. Een slechte keuze? We gaan hem eens beluisteren. Het album “Left For Dead” is al in2010 inde VS uitgebracht, maar wordt nu door het Duitse MIG-label op de Europese markt gebracht. Taft wordt begeleid door bassist John Kessler en drummer Scott Vogel.

Meteen bij de eerste tonen van de opener “Ain’t No Game” is duidelijk welke kant we hier opgaan. Namelijk snoeiharde, recht-voor-zijn-raapse, ‘take no prisoners’-achtige bluesrock. Duidelijk geschoeid op Texasblues, terwijl hij speelt alsof Robert Johnsons hellhounds hem op de hielen zitten. Dit wordt gevolgd door het Willie Dixon nummer “Back Door Man”, een song die al vele malen is nagespeeld, maar volgens mij nog nooit zo ruig als hier. Met “Broken Down” wordt het weer wat lichtvoetiger. De blazers, hoewel die duidelijk door een keyboard worden gegenereerd, zorgen zelfs voor een funky randje. Met Freddie Kings “Have You Ever Loved A Woman” krijgen we een lekker hartverscheurende bluesballad voorgeschoteld. Dat het niet allemaal geweld hoeft te zijn bewijst Taft met dit en het volgende nummer, de titelsong “Left For Dead”. Met de rustige zang is het rauwe randje weg en de gitaar krijgt een veen rondere toon. Vooral de grommende slidegitaar geeft het akoestische “When Your Wat Gets Dark” een eenzame en sinistere indruk mee. Het slepende “Devil’s Crown” is een onvervalste rocksong. De stampende begeleiding blijft als een huis staan, terwijl er vooral in de gitaarsolo’s flink aan wordt getrokken. Opvallend is hierin de tweede solo, waarin hij beide gitaarpartijen speelt en het met zichzelf opneemt. Echt duister wordt het in het vervolg op de titelsong “Long Way Down (Left For Dead Pt. II)”. Even een rustmomentje met het jazzy “Blue Lady”. Muzikaal gezien een prima nummer, jammer alleen dat de zang wat achterblijft. We keren weer terug naar de blues met Fleetwood Macs “Drifting”. Een meeslepende shuffle, rauwe zang en vlammend gitaarwerk. Zoals we het graag horen. “Seventh Son” van Willie Dixon is steviger, maar blijft door het ritmespel luchtiger dan de meeste songs. Met “If You’ll Come Home” en “When The Levee Breaks” zijn we alweer aan het einde van het album gekomen. Laatstgenoemd nummer is een bonustrack, die alleen in de Europese uitgave is opgenomen. Het pompende ritme, waarbij vooral de slidegitaar opvalt, zorgt voor een haast hypnotiserende werking. Het is vergelijkbaar met de versie van Led Zeppelin, maar Taft gaat daar, waar Jimmy Page stopte, nog een stuk verder.

Conclusie:
Daarover kan ik kort zijn”een goed album. Dudley Taft is hoorbaar geïnspireerd door mensen als Jimmy Page en Peter Green en ook door bands als ZZ Top. Gooi deze ingrediënten bij elkaar, schudt een flink en je hebt: Dudley Taft. Hij behoort nog niet tot de absolute top, maar hij kan zich prima in de hogere regionen bewegen.

Tip voor geïnteresseerden. Dudley Taft doet begin volgend jaar Nederland voor een paar concerten. Voor meer informatie over Dudley Taft en deze concerten:  www.dudleytaft.com


Ook op Blues Magazine ...