Locatie: Brasserie Thuis, Utrecht
Zondag 17 juni 2012

In 2010 waren we met elkaar in gesprek bij Café Wilhelmina te Eindhoven: laten we het eens hebben over de stormachtige ontwikkeling vanaf die periode.
Guy: Toen we begonnen was het eigenlijk al een beetje een rollercoaster met vanaf de start al drie tot vier optredens in de maand. Vanaf 2009 is het wel heel snel gegaan. Velen vonden te snel, ze zeiden ‘voorzichtig, zorg dat je niet te veel gaat spelen’. Daar heb ik wel over nagedacht, maar wat moeten we dan? Ik geloof niet in één exclusief optreden per maand voor veel meer geld. Daarmee verlies je naar mijn mening toch het contact met het publiek en is spelen in bijvoorbeeld het eigenlijk veel te kleine maar authentieke Willem Slok niet meer mogelijk. En ook dat is nog steeds leuk om te doen. In 2013 doe ik het al 5 jaar. Als ik dan kijk hoeveel we al gespeeld hebben en wat er nog gepland staat, is het echt niet minder geworden. We hebben de Blues Challenge in Berlijn gedaan, er staan gigs op stapel in Zwitserland, Duitsland, Frankrijk, Polen, Spanje, zelfs Kroatië heeft belangstelling. Ik heb een platencontract bij Parsifal, het Hound Dog Taylor project is uitgegeven door Dixiefrog, dus vaak spelen lijkt me eerder heel veel te hebben opgeleverd.

Dus de internationale doorbraak heb je te pakken?
Guy: Nee, nog niet. Hopelijk komt die eraan indien we de verwachtingen kunnen waarmaken. Maar wat is internationaal? Als Belg ben ik voor hier een buitenlander, toch vind ik het heel tof het gevoel te hebben dat men mij niet meer als buitenlandse act lijkt te zien. Ik lijk bij het Nederlandse circuit te horen. Waar we eerst moeite moesten doen om te mogen spelen in kleine cafés in Nederland gaan we nu dezelfde weg in Duitsland en bijvoorbeeld Spanje. Niet om alles te relativeren want ik ben echt trots wat ik heb bereikt, maar toch wil ik dit even gezegd hebben.
Uiteindelijk ben ik wel blij de weg Lightnin’ Guy te hebben ingeslagen. Twee jaar geleden hadden we het in Eindhoven over nieuwe cdprojecten die in de planning stonden. Helaas kregen die geen doorgang en hieruit is dan toch The Banana Peel Sessions  ontstaan. Daar staan een stel nummers op die voor de studioplaat bedoeld waren. Door deze keuze is ook de mogelijkheid en het onverwachte succes van het Hound Dog Tayler project ontstaan. Als het succes er dan is, is het lastig dit te beperken tot slechts een optreden tijdens Kwadendamme. Maar nu nog het eerste studioalbum met The Mighty Gators en het solo album Blood For Kali en dan kunnen we  met optredens weer een tijdje vooruit. We moeten dan maar eens kijken hoe dat dan uit gaat pakken. Je weet het namelijk nooit.

Hoe beleef je het succes van het ‘Hound Dog Tayler’ project? En blijf je dit combineren met je solo carrière en The Mighty Gators?
Guy: Dit succes is eigenlijk totaal onverwacht geweest. Oorspronkelijk was het de bedoeling het bij een eenmalig optreden te houden. Door het succes hebben we echter besloten er toch een vervolg aan te geven. We hebben zelfs een uitnodiging gehad van Delmark Records om Hound Dog Taylor in Chicago te spelen. En ook een persoonlijke brief van Bruce Iglauer van Alligator Records met complimenten over het album is mij ten deel gevallen. We gaan volgend jaar nog wel naar Noorwegen. Toch, zoals het er nu voor staat, is het een tijdelijk iets. De komende tijd ligt de focus dus ergens anders zodat ik zowel met The Gators als solo aan 2 nieuwe albums kan werken. Als deze uitkomen ga ik solo en met de band weer voluit toeren om alle nieuwe songs te promoten.

Ik ben wel erg nieuwsgierig naar de plannen voor je nieuwe albums. Gaan die deze keer bestaan uit eigen geschreven songs? Je hebt namelijk een paar prima songs die je echter bijna nooit speelt. Doe jij je zelf niet tekort door vooral covers te spelen?
Guy: De albums gaan beide bestaan uit eigen nummers. En ja, het blijft soms ook wel lastig. Zeker op festivals speel je vaak een uurtje. Dan ben je steeds op zoek naar het evenwicht. En onzekerheid speelt daar wel degelijk een rol in. In de korte tijd die je hebt, wil je toch dat iedereen een goed gevoel over het optreden heeft. Je speelt natuurlijk wel voor het publiek en daar heb je rekening mee te houden. Achteraf denk ik inderdaad weleens, we hadden prima No Time To Waste of I Will Rise kunnen spelen. Als je echter veel speelt in het festivalseizoen, blijkt het weer lastig om tijd te investeren in het repeteren van eigen songs die je al een tijd niet hebt gespeeld. Zo raak je dan in een cirkel die lastig is te doorbreken.
Wel is het zo dat ik na het verschijnen van de nieuwe cd de zaken iets anders wil aanpakken.
De eigen nummers komen centraal te staan en we zullen een andere show gaan neerzetten dan men van ons gewend is. De kans bestaat dat we mensen teleurstellen, maar ook dat we mensen gaan winnen. De nieuwe cd zal ook geen partyplaat worden, maar live, op het podium, is toch alles anders dan op een cd. Ik ben ik, dus of er daadwerkelijk veel veranderd? Maar aandacht voor de eigen nummers, nog even geduld; dat gaat er aan komen.

Guy solo, ik kon het niet zo goed voor me zien, een gezelligheidsmens als jij die uren alleen in de auto zit, en terug weer hetzelfde.
Guy lachend: Dat is toch een luxe, ik ben beroepsmuzikant. Mijn vader werkte 6 dagen per week, 10 uur per dag. Als ik dat dan kan doen met muziek maken is dat toch heerlijk. Ik ben vandaag 12.00 vertrokken, heb een fijn interview gehad, een heerlijke pasta gegeten, een lekker optreden gehad, en op 22.00 ben ik weer thuis. Heerlijk toch. En ja, het is intensief maar liever 2 uur in de auto op weg naar een gig dan 2 uur in de file naar het kantoor in Brussel. Daarbij, ik kan de maandag uitslapen en hoef dan slechts weer aan de gang om mijn volgende optredens te regelen. Dus ik beschouw het als een voorrecht, zeker omdat ik weet dat jullie morgen gewoon moeten werken, haha.

Met The Mighty Gators, solo, Hound Dog Taylor, het lijkt niet uit te maken wat je doet. Je lijkt in een flow te zitten. Enig idee wat het succes van Lightnin’ Guy veroorzaakt? Er zijn namelijk zoveel mensen die muziek maken.
Guy:

[met een grote smile op zijn gezicht] En die veel beter zijn dan ik. Beter zingen, beter gitaarspelen, beter harp blazen. Maar er is niemand als ik, niemand die zo speelt als ik. Daarmee ben ik niet beter of slechter, wel mezelf! Eigenheid is volgens mij belangrijk. Voor mijzelf is het beter gegaan vanaf het moment dat ik wist dat ik geen Rod Piazza of Albert Collins kon worden. Ik ben gaan kijken wat ik dan wel kon en van daaruit aan de slag gegaan. Beperkingen of niet, ik ben gaan spelen als Guy. Daarom is het mijn ding geworden. Door ouder te worden ontwikkel je meer persoonlijkheid, daardoor wordt hetgeen je doet steeds echter. Volgens mij is dat het geheim van relatief succesvol zijn. Voor iedereen trouwens. Respect daarbij is ook belangrijk. Voor mij is het gewoon een kwestie van fatsoen om een organisatie te bedanken, of de mensen achter de bar. En tja, op festivals is het eten wel eens wat minder, maar wees blij dat je daar mag spelen. [Lachend] Bij mij thuis is het eten ook niet elke avond even lekker.

In het eerste interview hebben we gesproken over je tour in Amerika en dat deze ervaring een reden was om altijd in kleine kroegen te blijven spelen om je roots niet te verloochenen. Is dat nu nog vol te houden als je al op zoveel grote podia hebt gestaan?  
Guy: Alé, da’s het voordeel als je geen manager hebt, ik ben mijn eigen baas en ik beslis zelf waar ik speel en waar niet. Ook het hele issue van geld begrijp ik af en toe niet. Tuurlijk verdient het minder als je in een klein café speelt. Maar ik ken zat muzikanten die veel geld vragen en vervolgens toch ergens anders voor een paar consumpties bij een jamsessie aansluiten. Zo lang je wilt spelen, heb je de kleine podia ook nodig. Veel spelen op de bekendere festivals zorgt dat je bekend wordt bij een groot publiek en dat bookers van de grotere podia je zien spelen. De keerzijde is echter dat kroegen niet meer bellen omdat ze denken dat je te duur bent. Van Studybaker John uit Chicago, waar ik een tour mee gedaan heb in september, weet ik dat ze in het bluescircuit van Amerika niet meer krijgen dan hooguit 75 euro per persoon. Dat is daar de realiteit. Zo slecht hebben we het hier dus niet. Daarnaast is optreden in een kleine club vaak leuker omdat je dan gewoon lekker lang kan spelen. Zoals het nu gaat is het wat mij betreft prima. Het is een mooie mix tussen grote festivals/podia en de kleine kroeg. En rijk gaan we er toch niet van worden. Wel kan ik me voorstellen dat bands die al heel lang meelopen en niet meer elke weekend voluit willen spelen het kroegencircuit liever overslaan. Ik ben voorlopig nog niet zo ver, sta net aan het begin van een hopelijk nog lange carrière.

In 2010 werd je werkloos en koos je voor een leven als beroepsmuzikant, klopt dat?
Ach ja, soms moet je op de kar springen die langskomt. Tenslotte had ik wel een platencontract en in België hebben we gelukkig de staat die een jaar voor je zorgt. Van die gelegenheid heb ik gebruikt gemaakt om van mijn passie mijn beroep te maken. Dus ja, ik heb nu de status van zelfstandig kunstenaar. [dan lachend] Hoewel beroepsmuzikant? Soms heb ik meer het gevoel fulltime aan het werk te zijn als secretaris: al die mails, het verwerken van facturen, ga zo maar door. Maar op maandagochtend hoor je me echt niet klagen!


Ook op Blues Magazine ...

Geen berichten gevonden.