Photo by Mike Abmaier

INTERVIEW FIN GREENALL (FINK’S SUNDAY NIGHT BLUES CLUB) 25-4-2017

Op zijn succesvolle album ‘Hard Believer’ uit 2014 liet Fink al een beetje doorschemeren dat de blues een belangrijke invloed was. Fink is eigenlijk alles en iedereen rondom Fin Greenall, een 45-jarige muzikale veelvraat die ooit begon als DJ maar tegenwoordig als singer/songwriter en producer de wereld verovert. Toen eerder dit jaar bekend werd gemaakt dat hij op korte termijn met nieuw materiaal zou verschijnen was onze interesse gewekt. Vooral toen wij hoorden dat het ‘blues-virus’ hem behoorlijk heeft weten te infecteren. De eerste symptonen hiervan resulteerden in ‘Fink’s Sunday Night Blues Club Vol.1’ dat 10 maart j.l. verscheen. De sympathieke muzikant verblijft al enkele weken in Nederland en zal zaterdagavond 29 april om 20.00 uur aftrappen in de Kleine Zaal van de Oosterpoort tijdens de Groningse Rhythm & Blues Night. Zondagavond doet hij het nog eventjes dunnetjes over in de hoofdstedelijke People’s Place maar die kaarten zijn allang uitverkocht. Wij zochten hem eerder deze week op tijdens zijn voorbereidingen voor die shows en hij liet zich maar wat graag onderbreken…

Tekst: Jeroen Bakker

Hij legt uit wanneer het voor hem eigenlijk pas echt is begonnen. “Op het album ‘Perfect Darkness’ uit 2011 staat de track ‘Wheels’. Dat beschouw ik zelf als mijn eerste poging om bluesgeoriënteerde muziek op te nemen. Heb ik helemaal alleen gedaan. Daarna kwam ‘Hard Believer’, die heb ik met een band gemaakt. Ik wilde met die muzikanten eens kijken of het mogelijk was om iets met Afrikaanse muziek te doen, de blues kwam er eigenlijk automatisch in terug. Het werd een combinatie van een Ali Farka Touré- en John Lee Hooker-achtig geluid, het werd dus Afro-Amerikaans. Op de een of andere manier is er op ‘Hard Believer’ ook iets van John Martyn in geslopen maar dat kan ik maar moeilijk verklaren. Ik kreeg in ieder geval het geluid wat ik wilde en dat gaf mij genoeg vertrouwen om mij volledig op de blues te richten. De reacties van fans en ook vanuit de pers voelden als een opluchting, een soort vrijbrief om met deze muziek verder te mogen gaan. Ik ben er als het ware volledig in gedoken door de laatste jaren veel bluesplaten op vinyl te kopen en te beluisteren. Sinds 2015 was ik veel onderweg in verband met de ‘Hard Believer Tour’. Ik dronk minder dan voorheen, had dus veel tijd over en ging overal alle winkels bezoeken om mooie platen te kopen. Man, dat is zoveel beter dan de dichtstbijzijnde bar op te zoeken en je vol te laten lopen. Het voordeel van zo’n tournee is bovendien dat je in veel interessante plaatsen komt met fijne winkels. In Stockholm is een winkel met een enorm blues-aanbod. Het heet Pet Sounds Records en daar heb ik ‘The Plantation Recordings’ van Muddy Waters gekocht. Het is een gave ervaring om die beginperiode van zo’n grote man te beluisteren. Je weet waar het uiteindelijk naar toe gaat. Ik kocht het origineel, geen re-issues, die wil ik niet.
Concerto hier is fijn en ook Record Palace tegenover Paradiso is geweldig. Ik heb daar een album van Memphis Slim gekocht. Altijd als ik daar speel ga ik ik even naar de overkant. Ik zag allemaal mooie platen die door de artiesten gesigneerd waren toen ze in Paradiso speelden. Ik zei tegen de eigenaar dat ik het niet eerlijk vond dat mijn album daar niet tussen zat. Ik kocht mijn plaat en heb daar mijn handtekening op gezet zodat hij die kon ophangen. Ik heb veel gelezen en veel documentaires gezien over de grote namen zoals Charlie Patton, Robert Johnson en Big Bill Broonzy. Je denkt dat je ze allemaal kent maar eigenlijk ken je slechts Clapton’s uitvoering van ‘Steady Rollin’ Man’. Met internet is de beleving ook anders. Je hebt wel de Robert Johnson-tapes gehoord via Youtube maar je proeft er even aan en het is weg. Met zo’n stuk vinyl op de platenspeler wordt het tastbaar. Het is een ontdekkingstocht. Het voelde zoals in mijn tienerjaren toen ik veel reggae-platen kocht. Je koopt veel en er zit ook veel materiaal tussen wat minder aanspreekt maar om het te leren kennen moet je ook die kopen en draaien. Ik wilde Memphis Slim leren kennen, niet echt mijn ding eerlijk gezegd maar nu weet ik wie het is. Van Big Bill Broonzy wilde ik weten hoe hij die intro’s deed. Het is echt briljant als je je daar in verdiept en uitzoekt hoe het in elkaar zit. Ook de sfeer van al die opnamen fascineerde me enorm. Ik heb alles zelf geschreven, het zijn mijn ‘originals’. Wanneer ik even geen inspiratie vond tijdens het schrijven voor ‘Sunday Night Blues Club’ pakte ik een paar platen uit de collectie en die draaide ik dan. Plotseling was het er weer.”

Opvallend op de hoes van ‘Fink’s Sunday Night Blues Club Vol.1’ is de vermelding van Flood, de beroemde producer die zich eerder met artiesten als U2, Depeche Mode en Nick Cave bezighield. “Toen ik begon in mijn eigen studio wilde ik dat echte retro-geluid zoals je die op die oude platen hoort. Het draaide al snel uit op mijn eigen geluid en dat was nu precies wat ik niet wilde. Het moest echter wel een origineel geluid zijn met mijn stempel er op. Dat was namelijk mijn droom. ‘Little Bump’ is in dat opzicht zeer geslaagd ook al bevat het wel actuele thematiek. Flood gaf het een ruwer randje en bracht daar de sfeer in die ik zocht. Hij is een oude punker maar hij is gek op de traditionele muziek, noem het maar een liefhebber van vrije muziek. Geen concessies, complete vrijheid. Ik nog denken dat mijn demo’s echt cool waren maar vergeleken met wat het is geworden waren die veel te braaf. Flood heeft het de juiste pit, kracht en felheid gegeven. Ik moest een grens over en hij heeft mij daarover heen geduwd. Twee tracks heeft hij nauwelijks aangeraakt en daar ben ik heel trots op.”

Nu is iedereen natuurlijk benieuwd naar de toekomstplannen en zeker die plannen van na dit bluesdebuut dat de toevoeging ‘Vol. 1’ kent. Greenall is daarover duidelijk: “Het is geen side-project, het is meer dan dat maar het is een kant van mij als muzikant die ik verder wil ontwikkelen. Er komt ook een nieuw Fink-album dat later dit jaar verkrijgbaar moet zijn. Ik ben bang dat men mij in Amerika gaat afmaken omdat dit een blues-album is geworden. Maar als mensen er naar luisteren en het niet pikken dan vind ik dat prima, als ze er maar naar geluisterd hebben. Liever één van de vijf sterren dan een drie. Mijn idee is dat als je niet van blues houdt dan vindt je dit ook niets.”

Er zijn nu drie optredens gedaan met deze band waarin het nieuwe album centraal staat. Het bleek voor de Fink-fans van het eerste uur toch wel even wennen. “Zij verwachten tijdens de optredens toch ook materiaal van de eerdere albums maar dit is toch echt een ‘Sunday Night Blues Club’-optreden. De band is hierop ook ingesteld. In november zal ik hier weer terugkomen voor een volledig twee-uur-durende Fink-show.” Greenall doelt op de shows in Paradiso, 013 en Doornroosje maar ook die zijn al lang en volledig uitverkocht. “De enige kritiek tot nu toe is dat het optreden maar een uur duurt. De blues is nogal compact, je doet wat je moet doen en als het klaar is ga je verder met de volgende track. Wij hebben deze week gemerkt dat het oudere materiaal zich ook uitstekend leent voor een andere aanpak. Zelfs als we nu ‘Warm Shadow’ van ‘Perfect Darkness’ spelen voel je de blues er in sluipen.” De fans van zijn eerdere albums komen later dit jaar volledig aan hun trekken belooft hij.

“Als deze kleine tournee klaar is ga ik meteen de studio in om te werken aan het nieuwe Fink-album. Er zal vervolgens intensief getourd worden en daarna zullen ook de festivals volgen. Ik verwacht volgend jaar in de herfst met ‘Volume 2’ klaar te zijn. Het zal een andere sfeer zijn met een andere ambitie. Ik heb nu een band. Ik zal het zeker weer gaan doen met deze muzikanten. De bij jullie bekende Ruben Hein werkte ook mee op dit album en daarnaast is de samenwerking met David Shirley en Colin Stetson heel bijzonder gebleken. Ik produceerde een album van een zanger in New Orleans en David drumde in die band. Hij komt daar vandaan. Hij is een drummer met die speciale ‘New Orleans-flavour’ en kent het principe van het in één-take-opnemen als geen ander. De kleine foutjes heb ik laten zitten want die maken het zo puur. Het ademde de sfeer uit van de oude John Lee Hooker-opnamen. Die oude bluesjongens maakten gebruik van muzikanten die speciaal voor de klus werden ingehuurd. Ze kenden het materiaal nog niet maar speelden het in één keer en dan was het goed. John Lee Hooker werkte niet met maten. Hij gaat daar heen waar hij wilt en de band moet het in goede banen leiden. Op ‘That’s My Story’, mijn favoriete album van Hooker hoor je heel goed hoe het tempo en de grooves van de band inspelen op die van de bandleider. Soms wachten ze op hem of hoor je ze twijfelen of ze moeten meegaan. Welke kant gaan we op, dat is steeds de vraag. Ik zei tegen mijn band: “ik bepaal de kant die we op gaan.” Het gaat er om dat er karakter in de muziek zit. Technische foutjes zijn totaal niet relevant. In die drie minuten gaat het niet om de omvang van de teksten. Je kan en hoeft ze niet eens uit te leggen of toe te lichten. Je zegt dat wat je wilt zeggen en daarin stop je alle emotie en energie. Die zijn allesbepalend. Je hebt maar twee, drie regels en daar moet het allemaal in zitten. Met de dub-reggae-platen van Lee Perry heb ik geleerd welke instrumenten en welke beats in welke kanalen worden opgenomen. Met de blues heb ik geleerd om daar helemaal niet mee bezig te hoeven zijn. Het deed bovendien niets af aan het plezier dat ik er aan heb beleefd tijdens het opnemen. “You have to put character in the performances to survive in the jungle”.

De titels op de achterkant van de hoes doen vermoeden dat Fin een pittige tijd achter de rug heeft maar in zijn blues blijkt wel degelijk veel positiviteit te zitten. “Ok ‘Hard To See You Happy’ is niet echt optimistisch maar wel realistisch. Wanneer je gaat skypen met je ex-vriendin en zij ziet er beeldschoon uit, dan baal je toch terwijl je beseft dat het jouw schuld is. ‘Keep Myself Alone Now’, ik neem even de tijd voor mijzelf en ‘get my shit together’ om vervolgens weer vooruit te kunnen. Volgens mij hoeft bluesmuziek niet per definitie depressief te zijn. ‘Black Curls’ is gewoon sexy.
Ik wilde Hugo Degenhardt op een manier zien drummen zoals Ringo Starr. Hugo is niet voor niets de drummer van The Bootleg Beatles. Hij moest het keihard spelen zoals Ringo dat indertijd in een groot stadion deed voor 80.000 gillende fans. De helft is opgenomen in mijn appartement en de andere helft is opgenomen in The Oven, Silent Green in Berlijn, een oud crematorium ja. Alles wat ik nodig had was aanwezig. Een paar microfoons en een versterker. Het heeft in totaal vier maanden in beslag genomen. De eenvoud stond centraal. Een groot probleem in de moderne blues is een studio vol met overbodige spullen voor heel veel geld per dag met dure oproepkrachten. Je hoort bij mij dan ook allerlei achtergrondgeluiden en die hebben we er maar in gelaten. Volgens mij geen probleem. Ik voel me heel erg ontspannen bij het maken van deze muziek. Ik begrijp nu pas die oude, grote bluesmannen. Het ging ze altijd heel erg makkelijk af en dat stralen ze uit.
Man, man, wat ben ik blij dat ik B.B. King nog live heb mogen meemaken dan begrijp je precies waar het om gaat…”

Luistertip:
Na het gesprek van bijna drie kwartier komt Fin Greenall nog terug met een aanvulling op ons gesprek. Het nieuwe materiaal is namelijk door hem zelf in een uur lang durende mix gezet, speciaal voor de Solid Steel Radioshow, waarbij hij gebruik maakte van de ruwe opnamen uit de studio. Ook de ongebruikte stukken van Colin Stetson zijn hierin verwerkt omdat die “te mooi waren om niet te gebruiken”. Hij legt uit: “Deze sessies kwamen hier heel mooi van pas. Ik heb Colin leren kennen nadat hij samen met Justin Vernon van Bon Iver mijn ‘Warm Shadow’ had gebruikt voor een TV Show. Ik stuurde hem vervolgens enkele demo’s op nadat ik hem had gewaarschuwd dat het blues-georiënteerd materiaal is, aangezien hij voornamelijk jazz, klassiek speelt en zich met zijn spel regelmatig in de hoek van de avant-garde begeeft. Bleek hij een prachtige uitdaging te vinden.
Zijn bijdragen bleken fenomenaal maar ik heb niet alles voor het album kunnen gebruiken. De mix-sessies waren daarom perfect omdat ik daarin alles kwijt kon. Of er nog iets fysieks van wordt uitgebracht kan ik nu nog niet zeggen.”
De mix is onderstaand te beluisteren.

website: www.finkworld.co.uk


Ook op Blues Magazine ...