Andrew Elt, geboren in Engeland en met zijn Welsh vader en Nederlandse moeder verhuist hij als 13 jarige naar Nederland. De tweetalige Andrew is muziekliefhebber in hart en nieren en wil dan ook muzikant worden. Hij stopt met zijn studie Engels en komt terecht bij Gin on the Rocks waarmee hij in 1985 De Grote Prijs van Nederland wint. In 1989 wordt hij gevraagd voor Sleeze Beez en neemt gelijk hun beste plaat Screwed Blued & Tattooed op, die hun een deal met het Amerikaanse platenlabel Atlantic Records oplevert. Door de grunge rage bloedt het echter dood en besluiten ze in 1996 te stoppen. Er volgen een aantal coverbands (o.a. the Moon en the Heavy 70’s) alvorens hij in 2000 (blues)tourmanager wordt van Walter Trout en daarna ook van Kenny Wayne Shepherd en Popa Chubby. Vanaf 2009 maakt hij ook de grotere clubs onveilig met misschien wel de beste Led Zeppelin tribute band van dit moment; Physical Graffiti. Zwarte Cross gangers zullen hem ook kennen van de talrijke coverbands waarmee hij daar speelt of wellicht als technicus voor Milow, Racoon, Ilse de Lange, Bløf en Anouk.

De bezige muzikale bij heeft samen met bassist Martin Helmantel (ex EleGy) en gitarist/drummer Joris Lindner (Komatsu) een geweldig album gemaakt onder de naam ‘7 Miles to Pittsburgh’. Blues Magazine’s Jos Verhagen ging ervan uit zijn dak, lees hier zijn recensie. Kortom, de tijd is rijp om eens met Andrew Elt te gaan babbelen.

Tekst en foto’s: Dirk van den Heuvel

Hoe is het project en het album 7 Miles to Pittsburgh ontstaan?
“Het is voor mij ontstaan na een telefoontje van Martin (ex Elecy), die al heel lang een hele goede vriend van mij is. We hebben ook samen in de coverband The Heavy 70’s gespeeld. Hij vroeg of ik hen (Martin en Joris) wilde helpen om enkele muzikale ideeën uit te werken. Wat hij me liet horen klonk heel goed maar was niet mijn ding. Te langdradig, te symfonisch en te progressief. Hier had ik geen zin in en ben ik afgehaakt. Zij zijn doorgegaan en kwamen terug. Ze gaven me ook de vrije hand om nummers in te korten, aan te passen en te herschrijven naar mijn eigen stijl. Ook voor de zanglijnen kreeg ik de vrije hand. Hierdoor zijn het geen standaard nummers geworden met couplet, refrein etc. De muziek was er en die heb ik ingekort, gearrangeerd en mijn zanglijnen met teksten erop gezet. Dus muzikaal is het voor 90% van Martin en Joris en heb ik een introotje of bruggetje bijgedragen. De teksten en zanglijnen zijn wel van mij.

We hebben er een demo van opgenomen in de homestudio van Joris. Toen hadden we iets van wow, dit is eigenlijk best goed. Wat gaan we er verder mee doen? Laten we het opnieuw opnemen. In ieder geval de drums. Door het knippen en plakken dat je met de tegenwoordige apparatuur uitstekend kan doen, had ik toch iets van dat het niet lekker klonk. Toen heeft Joris de drums opnieuw ingespeeld en toen hadden we iets van wow, dit is écht goed en zijn we er verder aan gaan werken. Uiteindelijk hebben we er vier jaar aan gewerkt waarbij we zeg maar maandelijks bij elkaar kwamen.”

Kun je de muziek van 7 Miles to Pittsburgh omschrijven?
“Nee, eigenlijk niet. Ik heb een paar recensies gelezen en daar staan vergelijkingen met bands in waar ik nog nooit van gehoord heb, zoals Opeth en Alice in Chains. Ik ken de namen natuurlijk wel maar niet de muziek. Vooruit, van Alice in Chains ‘Man in a box’ als enige nummer. Ik heb me in die muziek ook nooit echt verdiept en ben al vroeg afgehaakt met echte hardrock en metal. Voor Sleeze Beez was ik er ook al geen echte fan van. Mötley Crüe en Van Halen vond ik goed maar ik ben nooit meegegaan in de versplinteringen. Zelf ben ik qua muziek alle kanten opgegaan. Elk genre heeft zijn hokje en daar heb ik niets mee. Ik ben meer teruggegaan naar de zeventiger jaren van Funk tot Rock tot Pop. Goed is goed!
7 Miles to Pittsburgh klinkt vrij modern. Wellicht omdat ik er zonder vooroordeel ben ingegaan.”

Ik heb ook recensies gelezen waarin werd gerefereerd naar allerlei bands, maar persoonlijk vind ik het een lekker stevig (hard)rock album.
“Het is ook een album dat zonder bijbedoelingen is gemaakt. Bands of het nu het eerste, tweede of derde album is, hebben altijd een plan waardoor de lat al gauw hoog ligt en er druk ontstaat. Bij ons was dat niet. Niemand wist dat dit album eraan kwam.”

Komt het geen druk hebben ook omdat je het in eigen beheer hebt opgenomen. Zonder dat er een platenmaatschappij in het spel was?
“Ja, ook. En zonder de bedoeling om een album uit te brengen. Pas het laatste half jaar kwam het idee om er iets mee te gaan doen. We hebben aan een paar mensen laten horen en die zeiden “hoes erom en morgen in de winkel”. Daarna zijn we er wat mee gaan doen. Het heeft toen nog lang geduurd. We hebben eerst geshopt met het album maar daar kwam niet iets interessants uit voort, waarna we besloten hebben om het album zelf uit te brengen.”

Het is dan wel fijn dat je een goede distributie deal heb met Suburban Distribution?

“Dat kwam pas als laatste. We zouden eerst de verkoop regelen via onze website.”

Dat scheelt nogal!
“Zeker. Ten eerste de distributie van het album en ten tweede een promotie team om het album goed in de markt te zetten. Alle bladen en pers weten dat je album uit is. Zelfs op Spotify en andere digitale manieren.”

Zou je het bij een vervolg op dezelfde manier doen?
“Het gaat in ieder geval niet meer zolang duren. Afgelopen periode was ook een leerproces. We hebben elkaar leren kennen en gezien hoe we met een beperkt budget een goed product kunnen maken.”

Stap je zelf eerder tijdens het proces in?
“Nee, eigenlijk vind ik het wel goed zo. Martin en Joris hebben nog genoeg te gekke ideeën. Laat hun lekker hun gang gaan dan ga ik wel weer knippen, plakken en een zanglijn verzinnen. Gewoon op dezelfde manier. Alleen hoeft het dan niet meer zolang te duren.”

Mocht er een label komen dat zegt we hebben er interesse in?
“Dan gaan we zeker praten. Nu zijn we ons eigen label. Voordeel is dat je eigen baas bent en het op je eigen manier kan doen. Nadeel is dat je alles zelf moet betalen van persen, advertenties tot aan toursupport.”

Om op toursupport in te haken. Gaan jullie optreden?
“Ja, ik zou dat graag willen maar wel op een goede manier. Niet, met alle respect, in een klein kroegje. Het liefst zou ik een voorprogramma doen of festivals waar we drie kwartier tot een uur kunnen knallen. Meer eigen materiaal hebben we ook niet.”

Een combinatie met Vandenberg’s Moonkings is geen verkeerd idee, lijkt me?

“Haha, ja. Ik zag dat Ad nieuwe shows aankondigde en toen heb ik voor de gein op facebook gezet “voorprogramma ?” En daar is nogal op ingehaakt.”

We kunnen dus optredens verwachten. Heb je al een live band in gedachten aangezien Joris zowel gitaar als drums speelt op het album?
“Ik heb al een lange tijd een drummer en een toetsenist in gedachten.”

Wil je die al bekend maken?
“Nee, nog niet. Als het zover is, dan is het een paar belletjes, een paar keer repeteren en klaar. Ze weten het al en bereiden zich ondertussen voor (mensen die op facebook zitten, kunnen de drummer wel raden!).

Speelt toetsenist Will Maas van het album live mee?
“Ik zou het graag willen maar hij is heel erg druk, vandaar. Hij speelt o.a. bij Ilse de Lange, Matt Simons en geeft les op de rockacademie. Ik heb het eigenlijk niet gevraagd. Proberen kan altijd, waarom niet eigenlijk, haha.”

Hoe is de naam ‘7 Miles to Pittsburgh’ ontstaan?
“Ik werk al sinds 2000 als tourmanager voor Walter Trout en de eerste 14 jaar ook in Amerika. Nu niet meer, ik ben er klaar mee als tourmanager daar. Op tour kom je in allerlei tenten. Ook van die hillbilly bluesbrother tenten met kippengaas voor het podium. Leuk voor twee keer, maar daarna zou je het fijn vinden als het lekkende dak wordt gerepareerd of dat er een andere mengtafel komt en zo. Het veranderd echter niet of het wordt alleen maar gekker. In ieder geval, één zo’n tent staat in het plaatsje Blawnox (ten noordoosten van Pittsburgh) en die tent was altijd een doorn in mijn oog. Als we daar weer naartoe gingen had altijd iets van, ah nee, niet weer. Om een lang verhaal kort te maken, toen dat nummer er lag moest ik iets verzinnen. Hoe gaat dat? Je hebt gedachten, je hebt dingen meegemaakt in je leven en zo. Zo’n nummer heeft een ritme, je hebt er een gevoel bij en opeens komt er dan een tekst met …7 Miles to Pittsburgh… en toen dacht ik, dat kan Blawnox wel eens zijn. Daarna ben ik aan die kroeg gaan denken waar Walter altijd speelde en wat zich daar allemaal afspeelde. Ik heb een eigen draai aan het verhaal gegeven, zoals bijvoorbeeld in het 2e couplet waarin ik zing ‘she serves drinks in the boneyard’. De tent heet ‘Moondogs’ en dat heb ik als basis gebruikt om een fictief verhaal over de waitress te maken. Dus mijn herinneringen zijn de blauwdruk waar ik op voortborduur.

Toen was het nog geen bandnaam. We hebben wel 50 of 60 namen verzonnen. Dan hadden we weer een te gekke naam en kijk je op Google en dan blijkt er al een bruiloftsbandje te zijn met die naam. Om gek van te worden. Op een gegeven moment heb ik gezegd, we gaan in onze nummers kijken of daar wat bij zit. En via o.a. Same Size Soul zijn we uiteindelijk bij 7 Miles to Pittsburgh uitgekomen. Niemand gebruikte het en het bekt ook lekker. Ook 7MTP.nl en .com waren niet in gebruik. Wel 7MTP.org, dat staat voor 7 Minutes to Print en is een drukkerij in Nebraska of zo, haha. Daar word je toch gek van!”

Is er een connectie of iets met Amerika gezien de bandnaam, de hoes en 2 songs (Pittsburgh en Jambalaya) die specifiek over Amerika gaan?

“Nee, maar 5 km naar Helmond klinkt niet Rock and Roll en dat is toch een Amerikaans/Engels iets. Neem nou Bløf die zijn Nederlandstalig en dan klinkt het ook. Pascal kan het ook waanzinnig verwoorden met zijn taalgebruik. Ik zing altijd in het Engels. Zou het niet eens kunnen in het Nederlands. Als je dan in een Engelse tekst Nederlandse dingen ga verwerken dan past dat niet. Er is dus geen speciale Amerika feel, buiten het feit dat ik er veel ben geweest en veel heb meegemaakt.
‘Jambalaya’ ook. Dat gaat over New Orleans na de overstroming door Hurricane Katrina. Ik heb het 4 jaar geleden geschreven en het is dus niet actueel meer. Maar het is een positieve tekst over je schouders eronder zetten en niet opgeven.
Een nummer als ‘Damn’ is nog altijd actueel door wat er in naam van een geloof allemaal wordt gedaan. Of het nu christenen of moslims zijn. Dus als ik zing …Damn the evil that they spread… dat meen ik dan ook echt. Ik schrijf heel snel en ter plekke. Ik zou nu een tekst kunnen schrijven als er een goed onderwerp is.”

Denk jij Engels of Nederlands aangezien je geboren bent in Engeland?
“Ik denk Engels als ik schrijf maar zoals wij nu praten denk ik Nederlands. Als ik schrijf is het geen vertaling maar puur Engels. Het gaat onbewust. Als je de liedjes met de teksten luistert dan hoor je geen Nederlandse band.”

Wat zou het mooist zijn dat er uit de release voortkomt?
“Dat de goede recensies blijven komen. Tot nu toe hebben we Nederland gehad en is iedereen uiterst positief en ik hoop dat het buitenland ook zo gaat reageren. Ook dat die Engelsen een keer van hun voetstuk komen en eens een niet Engelse of Amerikaanse band binnenhalen. Voordeel is dat ik een Engelsman ben, dus daar kan het niet aan liggen. Ik hoop dat we een status kunnen bereiken dat we bijvoorbeeld in zalen als de Boerderij kunnen spelen. Dan zijn we al lekker op weg.
Daarnaast komt de tweede plaat er sowieso. Dat is een kwestie van tijd vrijmaken er erin duiken.”

Je zegt optreden in Nederland, maar zou dat ook Europees kunnen zijn?

“Jazeker, maar je moet ergens beginnen.”

Heb jij daar tijd voor? Je bent nogal druk als tourmanager, zanger in diverse tribute bands en je bent technicus bij diverse bekende bands.
“Het bloed kruipt waar het niet gaan kan he. Als dit een succes wordt en ik krijg het er druk mee dan is dat zo en dan moet ik misschien wel iets laten schieten. Ik ga alleen niet zeggen dat ik alles laat vallen om er 100% voor te gaan. Dat heb ik al eens gedaan. Als we iets moois aangeboden krijgen dan ga ik niet denken, wat zal ik doen. Dan ga ik ervoor. Je eigen muziek is je heilig en heeft altijd de voorkeur. Dan weet ik en dat weet Walter ook. Hij staat daar ook helemaal achter.”

Heeft Walter Trout het album al gehoord?
“Uiteraard. Maar hij denkt niet, oh shit, die ben ik straks kwijt. Misschien in zijn achterhoofd wel, maar als het zover komt, is hij de eerste die mij een mooie tijd toewenst. Hij snapt dat. Je eigen muziek. We zien wel wat er gaat gebeuren.
Ik vind alle dingen die ik doe leuk; on the road als tourmanager, Physical Graffiti en al het andere. Ik had trouwens niet meer verwacht nog een eigen album uit te brengen.”

Waarom niet eigenlijk?
“Ik was er niet meer mee bezig. In alle bands waarin ik gezeten heb, was het hard werken, knokken met passie om er te komen. Daar heb ik geen zin meer in. Hard werken is geen probleem, maar ik heb geen zin in de bullshit, stress, ellende, mensen overtuigen en de kar trekken. Dat hoeft van mij niet meer. Als ik muziek maak of werk voor mensen moet dat tof zijn. Dat zie je ook bij Walter, die lachen de hele tijd op het podium. Maar goed, als het komt dan komt het en dan ga ik er 100% voor.”

Hebben Martin en Joris daar tijd voor?
“Die maken daar ook tijd voor. Martin heeft denk ik wel de meeste tijd van ons drieën buiten zijn werk om. Gelukkig denken we er alle drie hetzelfde over. Het moet goed zijn en als dat het is, doen we het.”

Liefde voor muziek en hopen dat het wat wordt!
“Niet op een luie manier, maar op een realistische manier.”

Je hebt geleerd van het verleden?

“Ja, ik heb er soms heel veel tijd en energie in gestoken en dan heb je uiteindelijk niets. Als je er dan achteraf over nadenkt, had je het misschien niet gedaan. Maar je bent een jonge hond die wil gaan. En nu ben ik geen jonge hond meer maar eentje met ervaring. Het zijn nu ook andere tijden.
Met Sleeze Beez was het een heel ander verhaal. Dat was meesurfen op een genre.”

Met een grote bek, on-Nederlands maar het wel doen!
“En met heel veel geld. Onze eerste videoclip alleen al kostte $ 100.000,-. Voor 7 Miles to Pittsburgh heb ik zelf 4 filmpjes gemaakt met mijn Iphone. Het was een andere tijd. Het geld dat er toen was in de business is er niet meer. Ook promotie is anders. Ik heb wel connecties maar die ga ik niet bombarderen met 7 Miles to Pittsburgh. Ze moeten het zelf ontdekken. Is het niet met dit album dan met het volgende.”

Vroeger kon en mocht een band groeien en was daar tijd en geld voor bij platenmaatschappijen. Nu niet meer. Je moet presteren en anders is het klaar.
“Dat is het mooie als je zelf het label ben. Er zijn geen hoge verwachtingen en je doet het voor de muziek. Dat is heel belangrijk. Alleen al voor de eerste reacties op dit album maken we het tweede.”

Heb je een favoriet nummer op het album?
“Moeilijk. Nu nog niet, dat heeft tijd nodig.”

Het album is lekker divers en luistert daarom ook lekker weg.
“Dat vind ik fijn om te horen. We hebben ook al zoveel verschillende volgordes gehad voor we deze hebben gekozen.
Ook dat we louter positieve reacties krijgen. Album Tip bij Blues Magazine Radio, terwijl het geen bluesalbum is, dat zegt wel wat. We worden gelukkig niet in een hokje geplaatst, daar heb ik zo’n hekel aan. Je hebt bands die alleen maar voor een splintermarkt spelen en dat vind ik zonde. Het is toch om je als muzikant breed te maken en je niet te hoeven beperken.
En wat houdt die bands tegen? De platenmaatschappijen die er nog zijn. Ik zal je vertellen wat er bij ons is gebeurd. Een best wel groot label (ik zal geen naam noemen) had gehoord dat 7 Miles to Pittsburgh helemaal te gek was. Maar vroegen ze; waarom maken jullie geen muziek die meer 80’s klinkt. Er werd gekeken naar mijn en Martin’s verleden, dat kunnen ze marketen en er dan 5.000 stuks van verkopen. Het gaat ten koste van de muzikaliteit en de muzikant.”

Als rondvraag aan het eind. Wil je nog iets kwijt?
“Het zou leuk zijn als het blues publiek dat dit interview leest en die mij kennen van Walter Trout waar ik altijd meezing en dat is verre van blues wat ze op dat moment te gek vinden eens naar een concert van 7 Miles to Pittsburgh komen. Probeer ook buiten de blues te kijken en ik denk dat 7 Miles to Pittsburgh daar een goede gelegenheid voor is.”

Website 7 Miles To Pittsburgh.


Ook op Blues Magazine ...