Drumclinic Tony T.C. Coleman [B.B. King – Buddy Guy]

Tony T.C. Coleman [VS]
Drummer Coleman zat achter de drumkit bij B.B. King van midden jaren 80 tot aan de dood van ‘The King of the Blues’ in mei 2015. Tony Coleman reisde over de hele wereld met grootheden als Otis Clay, Bobby Blue Bland, Albert King, Albert Collins, Etta James, James Cotton en Buddy Guy. Zoals hij zelf zegt; “Ik ben geboren als drummer.” Hard werken en altijd het beste uit jezelf halen, nooit tevreden zijn altijd blijven leren en oefenen, dat is zijn devies.

Zijn stem is er een uit duizenden, opzwepend, dwingend en soulvol. Coleman bracht drie prachtige albums uit en zijn allernieuwste album ‘Take Me As I Am’ gooide dit jaar hoge ogen op alle ‘blues’ hitlijsten. In De Blueskrant van augustus 2017 vertelt Coleman over zijn samenwerking met B.B. King.

Twee unieke shows en een enkele drumclinic in Nederland!
Op 4 november speelt Tony Coleman op het GitGo Blues Festival in Deventer en op 5 november in Q-Factory Amsterdam. Deze fantastische drummer is beschikbaar voor enkele drumclinics op 2, 3 en 4 november aanstaande!

Bij interesse voor een drumclinic van Tony Coleman neem contact op met:
Marijn Ooijman & Ingrid Bosch
De Pas 75 – 8121GN – Olst
e: info@deblueskrant.nl
i: www.deblueskrant.nl
f: www.facebook.com/deblueskrant
t: 0570-594951 – m: 06-22800843

Lees hieronder het exclusieve interview dat Dé Blueskrant had met Tony Coleman. Het interview is ook gepubliceerd in de 10e editie van Dé Blueskrant.

Geboren als drummer heeft Tony Coleman de planeet rondgetrokken met enkele van de beste bluesmuzikanten allertijden. Hij was het kloppende hart bij Otis Clay, Bobby Blue Bland, Johnnie Taylor, Albert King, Albert Collins, Etta James, James Cotton, Katie Webster, Z.Z. Hill en Buddy Guy. Zijn meeste dienstjaren heeft hij bij B.B. King achter de drumkit gezeten, tot aan de dood van de koning van de blues.

“Mijn hele leven lang ben ik al in de ban van drummen, drummers en drumstellen.”

Tony is geboren op 12 augustus 1955 in Kissimmee, Florida USA. Toen hij een baby was, zette zijn oma een transistorradio in zijn wieg om hem te kalmeren. Zo absorbeerde hij de grondtonen en ritmes van de muziek. Tony Coleman legt ons in ferme bewoordingen uit hoe het zit als we hem op een zonnige dag in juli aan de telefoon krijgen.
“Ik ben geboren als drummer en zolang als ik me kan herinneren weet ik dat ik een drummer ben. Een gitarist moet het spelen op een gitaar aanleren. Bij de een gaat het makkelijker dan bij de ander, het vormt zich door de jaren heen. Een drummer wordt wakker en begint te slaan en te tikken op de keukentafel, of met een lepel de rand van zijn koffiemok te bewerken. Als ik naar muziek luister voel ik het ritme en de groove en grijp ik alle manieren aan om het me eigen te maken. Mijn hele leven lang ben ik al in de ban van drummen, drummers en drumstellen. Een drumbeat is de hartslag van de muziek. Een gitarist of toetsenist kan zonder noemenswaardig effect de handen van het instrument halen. Als een drummer stopt dan is de hele band radeloos, want het hart stopt met kloppen, de muziek valt letterlijk dood.”

“Ik wilde alleen nog de beste drummer ter wereld worden.”

Tony Coleman speelde al vlot in diverse lokale bands in Florida tot hij afstudeerde van de middelbare school. Voor een vervolgstudie ontbrak helaas het geld en in 1973 meldde Tony zich bij het Amerikaanse leger om zijn blik te verruimen door de wereld te verkennen. “Ik groeide op in een kleine stad en thuis hadden we het niet breed. Het leger gaf me de gelegenheid om de wereld te zien en dingen te doen die ik nog nooit eerder had gedaan. Ik leerde om te geloven in al die dingen die nooit voor mij weggelegd waren. Het leger maakte van mij een man die zijn dromen waar kon maken. Uit welke sociale klasse je ook komt, alles is mogelijk. Wat ik daar heb geleerd heeft me geholpen om succesvol te worden in de muziek. Na 3 jaar in het leger gediend te hebben ben ik alsnog gaan studeren, opeens had ik een doel. Daarna heb ik nooit meer achterom gekeken en mijn blik op de toekomst als drummer gericht. Ik wilde alleen nog de beste drummer ter wereld worden. Niet vanuit mijn optiek maar ik wilde gezien worden als beste drummer zodat ik opgepikt werd en kon spelen. Ik heb niet zo hard gewerkt om aangemerkt te worden als de slechtste drummer. Ik sla mijzelf niet op de borst maar ik heb er voor gezorgd dat ze niet onder me uit konden. Niet alleen qua spel maar ook je houding en sociale vaardigheden spelen daarbij een hele belangrijke rol.”

“Het moest mijn werk worden, geen hobby.”

Tony verhuisde in het voorjaar van ’77 naar Chicago samen met een aantal muzikale leger kameraden en samen rommelen ze wat aan in een garage. Hun droom om de volgende Earth Wind & Fire te worden gaat al snel in rook op. Tony’s ambities liggen veel hoger en het gerucht gaat dat er een nieuwe drummer in de stad is. Al snel speelt Tony in de band van Otis Clay en reist hij een aantal jaren met hem mee. Samen nemen ze een live album op in Japan. Met deze ervaringen op zak komen er kansen voor Tony om samen te werken met andere grote artiesten.
“In Chicago gebeurde het, dat was het bruisende hart van de blues destijds. Buiten het feit dat daarheen wilde om muziek te maken wilde ik ook gewoon geld verdienen. Het moest mijn werk worden, geen hobby. Zeker niet omdat ik er zoveel voor gedaan had. Als ik autofabrikant was geworden dan had ik toch ook mijn auto’s niet weggegeven. Voor alles wat uit vakmanschap ontstaat wordt betaald, dus waarom zou ik het als hobby moeten zien. Ik wilde geen eenzijdige drummer zijn maar alles kunnen spelen, reggae, rock, heavy metal, jazz, blues, soul, latin. Als je een muzikant van wereldformaat wil zijn dan moet je interesse en inzet tonen om te leren van anderen en van andere stijlen. Iedereen kan je vertellen dat je een goede muzikant bent maar wil je bijvoorbeeld echte country muziek spelen, dan moet je je omgeven met dat soort muzikanten en je onderdompelen in hun cultuur en omgeving. Pas dan kan je leren spelen zoals zij dat doen en als zij tegen jou zeggen dat je goed bent, dan pas ben goed. Geen minuut eerder. Alleen met keihard werken en volharding komt de dag dat je met iedereen kan spelen in alle muzikale stijlen.”

“B.B. King ontsloeg met 5 keer maar nam me 6 keer aan.”

Tijdens een jamsessie in de Chicago-club The High Chaparral met de ritmesectie van Otis Clay, speelde B.B. King een nootje mee en was zo onder de indruk dat hij het drietal Tony Coleman, Russell Jackson en Leonard Gill als zijn touringband meevroeg. Een tijdelijke eer viel hen ten deel en Tony Coleman keerde terug naar Chicago om zich weer bij Otis Clay te voegen. Ook Johnnie Taylor en Bobby Blue Bland maakten begin jaren 80 gebruik van de diensten van Tony. Tijdens een gezamenlijke tour van B.B. King en Bobby Blue Bland tour had B.B. King een drummer nodig waardoor de rest van de tour voor beide artiesten de honneurs waarnam. Vanaf dat moment viel werd Tony opgenomen in de familie van de King of Blues en reisde meer dan 10 jaar met hen over de hele wereld.
“Ik kon van tevoren niet bedenken dat ik met al die grote namen zou gaan spelen, dat was geen doel op zich. Ik wilde alleen drummen. Als ik achter de drumkit zit speel ik altijd met dezelfde passie en energie en het maakt niet uit waar dat is, of met wie. Dat is iets dat ik mij heb opgelegd en die verplichting kom ik altijd na. Daar zijn geen excuses voor te bedenken. B.B. King kon de beste muzikanten om zich heen verzamelen en hij vroeg mij om op de drumkruk plaats te nemen. Hoewel B.B. King en mijn vader jeugdvrienden waren had hij destijds geen idee wie ik was. Hij nam me aan omwille van mijn kwaliteiten. Toen hij ontdekte wie ik was behandelde hij mij als een zoon. Hij leerde mij de kneepjes van het muzikanten vak in mijn eerste jaren bij zijn band. Als jonge opgeschoten knaap was ik te eigenwijs om zijn raad altijd op te volgen en stonden we regelmatig recht tegenover elkaar. We hebben behoorlijk geruzied met elkaar. Hij zei ooit tegen mij, ‘Als ik straks dood ben dan kom je in situaties waarbij je denkt, die B.B. King had toch gelijk.’ en hij had gelijk. Hij heeft me 5 keer ontslagen maar heeft me 6 keer aangenomen. Hij leerde mij om volledig los van eigen belang en negatieve emoties op het podium te staan. Hij zei: ‘Of je nu honger, dorst of hoofdfijn hebt, ruzie met je vrouw of financiële ellende, het enige waar je op het podium aan mag denken, zijn die mensen die voor jou zijn gekomen. Zij hebben betaald om jou te zien spelen en jij zorgt ervoor dat ze blij naar huis gaan.’ B.B. King speelde altijd voor zijn publiek en nooit voor zichzelf, hij maakte andere mensen blij. Hij hield van de muziek en zorgde ervoor dat iedereen ook van zijn muziek ging houden. Hij speelde om het hart en de ziel van andere mensen te raken. Niet om zelf rijk te worden maar om rijkdom te schenken aan de wereld. Hij voelde zich nooit meer dan iemand anders.”

“Ik wil dat het perfect is, er alles uithalen wat er in zit.”

In 1999 realiseerde Tony zich dat het tijd was voor hem om zijn eigen weg te gaan en hij brengt zijn eerste album Out in de Open uit. Het album met medewerking van gastmuzikanten als Lucky Peterson, Kenny Neal en Frankie Lee krijgt geweldige recensies. In 2002 en in 2007 volgen de albums Travelin’ Man en Bonjour Mr. Coleman waarop Tony laat horen dat hij de adviezen van zijn leermeesters niet in de wind heeft geslagen.
“Ik schrijf mijn nummers uit eigen ervaring het zijn de dingen die ik voel. Alles wat ik schrijf ontstaat in mijn hoofd, van ritme tot gitaarpartij van melodie tot tekst. Al neuriënd en zingend neem ik dat op een voicerecorder op en werken we dat met de band verder uit. Zodra je een eerste album uitbrengt ben je enthousiast en is alles nieuw. Ik heb moeten leren hoe je een nummer schrijft en uitwerkt voordat je het opneemt. Naarmate de jaren verstreken werd ik daar steeds beter in. Tegenwoordig neem ik veel meer de tijd voor een nieuwe album. Ik wil dat het perfect is, er alles uithalen wat er in zit en achteraf geen spijt hebben van dingen waar we over twijfelde. Elk nummer moet gewoon goed zijn en iets te vertellen hebben. Ik schrijf mijn nummers vanuit een drummers perspectief en vind dat even belangrijk als een gitaarpartij of elke ander instrument. Als leider van mijn eigen band vind ik het zelfs nog belangrijker want ik heb het stuur in handen op de snelweg.”

“Niemand gaat mij in een rolstoel het podium op duwen.”

In 2007 keert Tony toch weer terug naar B.B. King om nog zeven jaar met hem te touren. In 2013 is hij co-producer van het album Can You Stand the Heat van Ana Popovic en doet hij enkele shows met haar. Enkele redenen waarom het 10 jaar heeft geduurd voor het nieuwste album Take Me As I Am dit jaar pas uitkwam.
“Ik keerde terug naar B.B. King omdat je het uitbrengen van je eigen muziek niet zelf meer in de hand hebt. Platenmaatschappijen hebben tegenwoordig geen oog meer voor goede muziek maar alleen voor omzetcijfers. Het gaat er om hoe je eruit ziet of hoe gek je kunt doen. Daar waar het werkelijk omgaat, komt op de laatste plaats. Als band kreeg Tony Coleman geen stevige poot aan de grond.
Na de dood van B.B. King was ik vastberaden om door te gaan. Zolang ik gezond ben, energie genoeg heb en bovenal genieten kan, is er geen enkele reden om te stoppen. Ik ga niet als zielige oude man, die geen deuk in een pakje boter meer kan slaan, achter de drumkit zitten. Niemand gaat mij in een rolstoel het podium op duwen. Zodra ik geen kwaliteit meer kan bieden dan ga ik met pensioen.

Tony Coleman speelt in november 2 shows in Nederland samen met het Henry Carpaneto 5Tet uit Italië. Op zaterdag 4 november tijdens het GitGo Blues Festival in de Deventer Schouwburg en op zondag 5 november in Q-Factory Amsterdam.
“Het is 8 jaar geleden dat ik in Europa ben geweest met mijn eigen band. Ik kijk er naar uit om weer te komen. Samen met Henry Carpaneto heb ik nog nooit gespeeld. Hij stuurde mij wat van zijn materiaal op en dat klonk zo te gek dat ik er niet over na hoefde te denken om samen met hem te gaan spelen. Hij is ‘The Real Deal’ en zijn band is zo ontzettend goed. Wij gaan excelleren op het podium. Volledig in de geest van B.B. King.”

www.tonycoleman.fr


Ook op Blues Magazine ...