8

John Primer & Kat Riggins
North Sea Jazz Club, Amsterdam
17 september 2015

Tekst:Govert Heemskerk, foto’s: Mitchell van Essen

Het is vanavond weer de avond van het ‘Lijstje van Johan’ in North Sea Jazz Club en Meneer Derksen schotelt het publiek weer een zwaargewicht voor, namelijk de uit Chicago afkomstige John Primer. De bluesgitarist is bekend als lid van de band van Muddy Waters en The Chicago Blues All-Stars van Willie Dixon. Deze avond wordt in tweeën gesplitst, aangezien het publiek wordt opgewarmd door de blueszangeres uit Miami Kat Riggins en haar Blues Revival.

Vandaag is Johan Derksen niet aanwezig, aangezien Ajax vandaag in de Europa League staat en Derksen aan tafel bij RTL7 zit. De tafeltjes vooraan het podium zijn allemaal bezet, maar bij de bar is het rustig. De borden van het hoofdgerecht worden van tafel gehaald als Kat Riggins met haar band het podium oploopt. Het lijkt even of mevrouw Riggins het dessert is met haar gele jurk die imponerend hoog uitgesneden is op het been. Het decolleté verpakt in kant laat even de band vergeten. Maar na het eerste nummer is duidelijk dat Riggins meer is dan alleen een indrukwekkende verschijning. Het blijkt een geweldige frontvrouw te zijn als The Blues Revival de één-op-één cover inzet: ‘Blues Is My Business’ van Etta James. Een stem die doet denken aan Tina Turner, maar als er gezongen wordt over whisky lijkt het stemgeluid richting Janis Joplin te gaan. Er passeren een paar eigen nummers de revue, maar The Blues Revival blinkt uit in de covers vanavond. Een hoogtepunt tijdens de set is de cover ‘I Just Want To Make Love To You’ van Willy Dixon waar de geweldig schorre uithalen, flirterige blikken en golvende heupen van Riggins één op het podium worden. Af en toe kijkt Kat Riggins iemand in het publiek dringend aan en geeft hem de schuld van haar blues. Soms kijkt ze iemand aan vol lust alsof diegene de vlam bij haar ontwaakt heeft. De band geeft de zangeres alle ruimte, maar af en toe stijgt de gitarist boven zichzelf en de band uit als hij zijn blueslicks zo simpel laat lijken. Zijn gitaarband hangt over zijn knokige schouders en hij heeft een constante glimlach op zijn gezicht.

1

3

Kat Riggins is de oceaan niet alleen voor de lust overgestoken, blijkt als het nummer ‘A Change Is Gonna Come’ de zaal inkruipt. Het is warm in de North Sea Jazz Club, maar het kippenvel verschijnt op de huid. Het publiek ontvangt deze ode aan Sam Cooke met open armen. Als een ware gospelzangeres drukt zij het publiek een boodschap op het hart met haar met whisky doordrenkte uithalen. Het dessert dat tijdens dit nummer opgediend wordt, verliest even alle smaak. Er is misschien heel wat veranderd sinds Sam Cooke het nummer uitbracht, maar we zijn er nog niet. The Blues Revival gunt het publiek geen rust om er even over na te denken, want het is tijd voor een beetje Bettye LaVette als de zangeres en gitarist zich een weg banen door het publiek. De band eindigt met uptempo medleys van ‘Tutti Frutti’ – ‘Money (That’s What I Want)’ en ‘I Got My Mojo Working’ – ‘This Little Light Of Mine’. Kat Riggins vraagt of het publiek gaat staan en iedereen in de zaal springt enthousiast, maar wat ongemakkelijk, tussen de tafels en stoelen. John Primer krijgt het nog moeilijk met zo’n band die alle energie en volledige aandacht van het publiek vraagt. The Blues Revival verlaat het podium na een dik uur spelen, maar niet zonder John Primer aan te kondigen: “You can’t paint the blues, without the primer!”

7

Op het podium wordt John Primer vanavond bijgestaan door Hein Meijer op gitaar, Jan den Boer op de basgitaar, Bert Fonderie op de drums en als special guest: Copenhagen Slim op de bluesharp. Meneer Primer is nog nergens te bekennen als de band alvast twee nummers speelt waaronder een knipoog naar Primer zijn verleden: Muddy Waters’ ‘Rollin’ and Tumblin’. Het is een moeilijke opgave om de enthousiaste blues-rock op te volgen van Kat Riggins. Maar als John Primer het podium betreedt, lijkt het optreden van The Blues Revival al weer tijden terug. Primer loopt met een grote glimlach en gebogen rug over het podium opzoek naar zijn gitaarkoffer, terwijl de band al het blues-schema afgaat. Als Primer zijn gitaar in zijn handen heeft, komt er alleen nog geen geluid uit zijn versterker. Het is allemaal wat chaotisch in het begin. De bluesgitarist uit Chicago is ook niet tevreden over het geluid over de monitoren, maar tijdens het tweede nummer laat hij zijn sunburst hollowbody fluisteren, de blues hoef je namelijk niet luid te spelen, aldus Primer. Copenhagen Slim laat het geluid van zijn harp dromerig drijven op het zachte geluid van Primer. De toon is gezet, waar eerst het publiek tussen de tafels stonden te dansen, wordt nu de aandacht gevraagd. Het is een erg rustgevend beeld hoe de mimiek en vooral de lippen van Primer het geluid van zijn gitaar volgt. “This is the blues,” zegt gitarist stellig. Het lijkt dat hij zijn glimlach bij het eerste nummer is vergeten. Na de cover van The Yardbirds ‘Someone To Love (Part 1)’ loopt hij naar zijn gitaarkoffer en mompelt tegen zichzelf: “if you want something right, you got to do it yourself.”

5

6

Het is een wisselende set die wordt voorgeschoteld, louter blues, maar zachte solo’s worden afgewisseld met stellige uptempo nummers. Er hangt een aparte sfeer in de zaal, die misschien de irritatie verklaart op het gezicht van John Primer. Waar het eerst erg druk was rond de tafels vooraan in de zaal, zijn nu sommige stoelen leeg. Aan een tafeltje rechts van het podium zit een meisje te slapen tegen de schouder van een wat oudere man. Vooraan tegen het podium staat een tafel waar een paar mannen onderuit gezakt zitten en naar hun dood geslagen bier staren. Het idee wordt gewekt dat John Primer en de band soms niet op een level zitten. Af en toe kijkt Primer naar rechts en roept in welke key hij wil spelen. Maar dan verandert er iets… Primer kijkt streng de zaal in en uit de versterkers doemt het bekende geluid van Bo Diddley. “Now when I was a little boy…” De zaal vult zich met het zelfvertrouwen van de 70-jarige gitarist. Het plezier is weer helemaal terug op het podium. Primer laat zijn heupen ritmisch bewegen op de tonen. “The line I shoot, will never miss,” schreeuwt hij door zijn microfoon, vormt met zijn slaghand de vorm van een pistool, blaast de vingertoppen koud en stopt zijn hand in de denkbeeldige holster. Nummers volgen en worden uit elkaar getrokken. Soms lijkt er een miscommunicatie te ontstaan. Het deert niet. Primer laat waar nodig Hein Meijer zijn gang gaan en andersom. Copenhagen Slim verdwijnt soms wat naar de achtergrond, maar tijdens ’40 days and 40 nights’ zuigt de man met zijn bluesharp zich een weg naar voren. De avond wordt afgesloten met ‘I Got My Mojo Working’ waar Kat Riggins voor op het podium wordt gevraagd. De twee Amerikanen laten een zaal achter vol energie en daar neemt het publiek natuurlijk geen genoegen mee. John Primer loopt het podium af, om vervolgens weer het podium te betreden. Hij kondigt het nummer aan: ‘Going Home And Getting Some’ en trakteert het publiek nog één keer op onvervalste blues uit Chicago .

Zelfs als het even iets minder gaat of er een miscommunicatie plaatsvindt op het podium laat Primer noch de band zich kennen en blijft iedereen doorgaan zonder enig druppeltje zweet. Het is een avond geworden met twee gezichten, met ups en downs, maar is dat niet heel clichématig altijd het geval met de blues?

Noot van de redactie: zondagmiddag 20 september speelt John Primer in cafe Hofsteenge te Grolloo

4

2


Ook op Blues Magazine ...