An Evening With The Blues

An Evening With The Blues, LantarenVenster, Rotterdam, 22 maart 2014

Door Ton Kok. Foto’s Bert Lek. Meer foto’s Bert

Als 24ste editie van An Evening With The Blues wordt het festival door presentator Henk Demper geopend. Voor iedereen is het dus inmiddels wel duidelijk dat het in Tiel geboren festival een nieuw thuis heeft gevonden in het LantarenVenster theater in Rotterdam.

Aanvangstijd 20.00 uur. Ik kom net voor dit tijdstip het theater binnen, waar Robbert Fossen en Peter Struijk er tot mijn verbazing al een set op hebben zitten, maar ook de pauzes tussen de bands in de grote zaal worden door dit duo ingevuld, zodat het de hele avond non stop genieten is van live blues. Muziek van veel grootheden uit Chicago en de Mississippi delta komen weer voorbij: “Walking Blues”, “Five Long Years”, “Baby What You Want Me To Do”, “Rock Me Baby” etc. etc., als altijd even prachtig vertolkt door dit duo. Ook “Big” George Reijnders komt nog een stukje meeblazen op de harmonica en net als in de grote zaal is de sfeer in de foyer uitstekend.

In de grote zaal wordt geopend door het Erwin Helfer Chicago Boogie Trio featuring Katherine Davis. Aangevuld met saxofonist John Brumbach passeren een paar juweeltjes als “Swanee River Boogie”, “St. James Infirmary” en Jimmy Yancey’s “Four O’Clock Blues” de revue. Voor het laatste deel van de set wordt het trio uitgebreid tot kwartet en komt Paul Lamb een aantal nummers meeblazen op de Mississippi saxophone. We worden nog getrakteerd op een fraaie instrumentale versie van “Jambalaya” en Katherine Davis weet de zaal met “Rock This House” aardig in beweging te krijgen. Zelf saxofonist Brumbach, die aanvankelijk nogal een statische indruk maakt, komt in het laatste gedeelte van de show helemaal los. Helaas zien we dit soort acts te weinig op de Nederlandse podia, maar het publiek in Rotterdam geniet er van.

An Evening With The Blues

Hierna is het de beurt aan Fat Harry & the Fuzzy Licks om het podium te betreden en met een lekkere instrumental het publiek in de juiste stemming te krijgen. Vanaf de aftrap is duidelijk dat we te maken hebben met een ontzettend strakke band, geleid door Fat Harry (Harold van Dorth) met verder René Schutte achter de toetsen, Jacco van den Heuvel achter de drums, voor deze gelegenheid niemand minder dan Henry Oden op bas en een driekoppige blazerssectie met Jan (“Delicious”) de Ligt op sax, Yavin Groenewegen op trombone en Floris Windey op trompet. Behalve het fraaie blaaswerk ook mijn complimenten voor de perfect uitgevoerde danspasjes heren.

Na het openingsnummer wordt de frontman aangekondigd: Preston Shannon. “Let The Good Times Roll” is zijn eerste nummer. Even lijkt het mis te gaan doordat zijn versterker het begeeft, maar snel wordt er overschakeld naar Harold’s versterker, die zelf even later verder speelt op een snel geregelde reserve-versterker. Shannon zet een schitterende set neer met veel nummers van zijn laatste cd “Dust My Broom” met het nodige Elmore James werk als “Done Somebody Wrong”, “Rollin’ & Tumblin’” en “It Hurts Me Too”. In laatstgenoemde nummer geeft hij ook een waanzinnig mooi stukje B.B. King-stijl gitaarspel weg. Enig minpuntje: ondanks het vele Elmore James werk geen stukje slide gitaar te horen, maar met nummers als “As The Years Go Passing By” en “Purple Rain” wel  de nodige kippenvel. Een fantastisch optreden van The King Of Beale Street Blues.

An Evening With The Blues

Als afsluiter van de avond verschijnen Paul Lamb & the King Snakes op het podium, de vervangers van de geblesseerde Duke Robillard. Paul Lamb betreedt samen met zanger/gitarist Chad Strentz het podium en gaat voortvarend van start met “I Got A Woman/Folsom Prison Blues”. Tijdens het nummer betreedt ook de rest van de band het podium, drummer Dino Coccia, bassist/zanger Rod Demich en Paul’s zoon, Ryan “Junior” Lamb op gitaar. Laatstgenoemde zorgt voor een flinke dosis rock. Lamb neemt zelf de zang Lee Dorsey’s “Ya Ya” voor zijn rekening.

Met “Black Jack Game” weten ze mij volledig in te pakken. De klad komt er een beetje in met “Games People Play”, voor de ene helft van het publiek een prima herkenbaar nummer met hoog meezing gehalte, maar een aantal puristen haken toch af. Een solo gebrachte instrumental, waarbij Lamb de zaal in wandelt om lekker in het pluche gezeteld verder te spelen, weet ook niet echt het nodige enthousiasme te ontlokken. Hoog tijd voor de finale dus en daarin weten Paul Lamb & the King Snakes toch het festival een passend slot te geven.

Of het nu komt door het voor theaterbezoekers late tijdstip of dat het gitaargeweld van Ryan Lamb net een brug te ver was, ik weet het niet, maar tegen het eind zijn er wel opvallend veel lege plekken in het zitgedeelte van de zaal. Toch was het een prima blues-avond in het LantarenVenster en kijken we met spanning uit naar de jubileumeditie in 2015, waar Duke Robillard hopelijk wel, met een jaar vertraging, zijn opwachting zal maken.