Patrick Roefflaer - Dylan in de Studio

Patrick ROEFFLAER, Dylan in de Studio
EPO, Isbn 978 90 6445 727 2, verspreiding Nederland Centraal Boekhuis BV Culenborg (www.epo.be)

Tekst : Antoine Légat

Twee uitspraken. Een van Dylan zelve uit 1966. Die vindt u op het achterflap van het boek: ‘Ik breek geen regels, want ik zie geen regels die gebroken moeten worden. Wat mij betreft zijn er geen regels.’ De andere vind je op blz. 170 en is die van Rob Stoner, bassist en bandleider ten tijde van ‘Street Legal‘, die kort na de volgende uitspraak ook de laan werd uitgestuurd, al was hij één van de velen die verwoed enige lijn trachtten te leggen in ‘Dylan in de studio’: ‘Het was een lang creatief proces, we hadden een doel voor ogen, alleen wisten we niet welk.’ Het lijkt de rode draad te zijn doorheen ‘Dylan in de Studio‘, de worsteling van een sterke persoonlijkheid, misschien wel een genie (als zo iemand bestaat), om in het reine te komen met zijn creatieve drang en daarbij niemand of niets ontziet, ook zichzelf niet. Hoe (bijna) iedereen zich hierbij neerlegt omdat het nu eenmaal de manier van ‘werken’ is van een wijd en zijd erkend artiest en omdat men wel voelt dat de man louter en uitsluitend bezig is met zijn roeping, dat hij die chaos niet gewild heeft, maar dat die gevolg van de aard van het beestje.

In het beste geval kwamen zo meesterwerken tot stand, zoals ‘Highway 61 Revisited‘, ‘Blonde On Blonde‘, ‘Blood On The Tracks‘, ‘Infidels‘, ‘Oh Mercy‘, ‘Time Out Of Mind‘, ‘Love And Theft‘ of, vooral in de visie van de Europeanen, ‘Desire‘, ‘Street Legal‘. Maar zwart-wit is het nooit: zelfs een indertijd als dieptepunt ervaren ‘Self Portrait‘ bevat de aanzet tot andere, beslist interessante ontwikkelingen, want zit vervat in een logische flow van gebeurtenissen en emoties. U heeft al begrepen dat auteur Patrick Roefflaer niet over één nacht ijs ging om ruim 330 blz. vol te pennen met wetenswaardigheden over Bob. Hij is al dertig jaar in de ban van Dylan, wat hij verwerkte in zijn blog Peerke’s Plaatjes, waaruit drie jaar later dit ‘Dylan in de Studio‘ voortkwam. We moeten tot onze spijt bekennen dat deze blog ons niet bekend was, maar we zijn dan weer beter vertrouwd met www.expectingrain.com, vooral om ‘zij die HEM kennen’ er ons geregeld op attent maakten. Daar kan je overigens zien bvb. hoeveel boeken er wekelijks over Dylan verschijnen…

Let wel: ‘Dylan in de Studio‘ is geen biografie. Het boek focust immers op wat het in de titel belooft, nl. het relaas van wat er in de diverse studio’s effectief gebeurde tussen november 1961 en die voorlopig laatste, voor de zoveelste maal onverwachte move van Baawb, ‘Christmas In The Heart‘ van oktober 2009. We krijgen de naakte feiten of de noodzakelijkerwijs subjectieve, maar letterlijk (in vertaling) geciteerde meningen van ooggetuigen voorgeschoteld. Conclusies moeten we doorgaans zelf trekken. Natuurlijk krijg je zijdelings heel wat biografische info mee, genoeg om Dylans levensloop grotendeels te volgen, temeer daar zijn belevenissen een diep impact hadden op zijn werk, dieper dan men zich realiseert bij iemand die zogenaamd in ‘hogere sferen’ zijn scheppingsdrang botviert. Anders gezegd: god had ook zijn menselijke kanten.

Dylan in de Studio‘ biedt al evenmin een grondige studie van zijn eigenlijke werk, van zijn al eerder voor de Nobelprijs Literatuur genomineerde teksten. Tekstanalyse vindt men elders toch al in alle maten en gewichten. Voor wie helemaal onbekend is met het fenomeen uit Minnesota is de lectuur van de altijd weer veranderende procedures, de takes die al dan niet gebruikt werden en al dan niet op bootlegs weer opdoken, de muzikanten, producers, businesslui en ander gespuis dat erin betrokken werd en regelmatig weer verdween, wellicht na een tijd vermoeiend en moeilijk om volgen, maar die mensen zouden we hoe dan ook aanraden éérst een cursus ‘Dylan voor beginners’ (we schreven bijna ‘for dummies‘, maar dat klinkt zo denigrerend: je moet per slot van rekening nu eenmaal ergens starten) ter hand te nemen en uitgebreid te luisteren naar zijn songs, songs die hij lange tijd opnam alsof hij er zo snel mogelijk vanaf wilde, alsof hij in het creatieve proces al lang verder was. Wellicht is ‘alsof’ er te veel aan in vorige zin!

De Dylanologen, zij die Dylan al heel hun leven op de voet volgen (en dat zijn er niet weinigen) zullen misschien niet zo vreselijk veel nieuws ontdekken, want het meeste is al wel ergens gezegd of geschreven. Maar het staat hier wel zo volledig mogelijk en ongeveer chronologisch op een rij, met veel eruditie, helderheid en inzicht verzameld. Patrick laat gelukkig niet na om, ondanks zijn neutrale toon en de lawine aan takes, leesbaar te blijven, toch van groot belang in een boek dat geen wetenschappelijk traktaat wil zijn. Humor is aanwezig, maar is zelden door de schrijver aangebracht, want ze spruit voort uit de soms potsierlijke situaties waarin Bob zichzelf en zijn medestanders brengt. Men leze wat dat betreft op blz. 94, over de… koebel in ‘Lay Lady Lay‘. Voor wie niet vertrouwd is met de terminologie gehanteerd in studio’s heeft Roefflaer een inleiding voorzien.

Dylanoloog zijn we zelf zeker niet, maar door onze decennialange muzikale bedrijvigheid, doordat we Dylan altijd hebben gevolgd en de betere Dylan ook altijd in het hart hebben gedragen, was dit voor ons allerminst een droge start. Maar als halve leek, kregen we inzicht in en overzicht van heel wat kwesties waar we ons wel vragen over stelden, maar die nooit een degelijk antwoord kregen, zoals de vroege oorsprong van zijn afkeer voor journalisten, zijn enigmatische verblijf in het Griekse Vermilya, zijn veelbesproken, o zo geheimzinnige motorongeval, zijn contact met bepaalde en soms bepalende guru’s stijl Norman Raeben, zijn bekering tot ‘het geloof’, de relevante toespelingen op personen en feiten in bepaalde songs, en ga zo maar verder. Dus toch flink wat biografische gegevens, omdat ze nu eenmaal ingrepen in zijn werk. Nogmaals: er zijn beslist aspecten van zijn leven die daar niet in binnendrongen en die je elders moet halen.

Van vele musici, bekend van elders, wisten we niet of nauwelijks, of waren we vergeten dat ze ooit met Dylan hadden gewerkt, kleppers als OdettaAl KooperBuzzy Feiten, Happy Traum en Jim Dickinson: voor wie ooit op LP hoezen de kleine lettertjes placht te lezen, is het défilé hier een leuke speeltuin, een Amerikaans ‘Land van Maas en Waal‘ (van Geronimo Wood?) Tegen vertrouwde songs kijk je plots helemaal anders aan, zodra je weet hoe de opnames (vaak zo moeizaam) tot stand kwamen, wat de alternate takes zijn. We betrapten er ons op vaak te grijpen naar de diverse LP’s, cd’s en verzamelaars, die we met hernieuwde kennis en interesse beluisterden en nog zullen beluisteren, puur uit nieuwsgierigheid: valt dit of dat uit het boek te horen? De vaak geciteerde collecties met niet eerder uitgegeven werk ‘Biograph‘ en ‘The Bootleg Series‘ blijken plots reliëf te geven aan muziek die we meenden vertrouwd te zijn. Met die laatste zijn we op dit eigenste ogenblik trouwens ‘bezig’.

Wees gerust: de bewondering voor Dylan en verwondering over zo’n loopbaan blijven na afloop intact, toch bij ons. Hij komt integendeel vermenselijkt uit de strijd. Dat we, buiten de artiest om, toch enige reserve zouden hebben moest Robert Allen Zimmerman onze buurman worden, daarin staan we duidelijk niet alleen. Lees maar eens de quote van Harvey Brooks (blz. 62)! We laten graag het laatste woord aan auteur Patrick Roefflaer: ‘…Een carrière van vijftig jaar waarin hij er keer op keer in slaagde een flink stuk van zijn fans tegen zich in het harnas te jagen. Was het niet door persoonlijke songs te brengen in plaats van protestsongs, dan wel door een elektrische gitaar te omgorden, countrydeuntjes te spelen, van godsdienst te veranderen of liedjes van anderen te brengen. Of een kinderkoor in te schakelen.

P.S. Op het ogenblik van lectuur, bereikte ons de mare dat Suze Rotolo op 25 februari in New York overleed aan longkanker. Suze (spreek uit: ‘Suzie’) was de eerste grote liefde van Dylan. Ze had Italiaanse roots en was politieke activiste, multidisciplinaire kunstenares en schrijfster. Zij is vereeuwigd op de grensverleggende hoes van ‘Highway 61 Revisited‘. In ‘Dylan in de Studio‘ komt ze uitgebreid aan bod want haar engagement beïnvloedde duidelijk de songschrijver. Ze bezorgde Bob tevens inspiratie voor een paar prachtige love songs als ‘Don’t Think Twice, It’s Alright‘, ‘Boots Of Spanish Leather‘ en ‘One Too Many Mornings‘. Iets minder mooi is de afrekening in ‘Ballad In Plain D‘, maar dat gaf Bob later ook toe. Rotolo trouwde een Italiaanse filmproducent, hun enige kind Luca werd gitarist. Over de periode met Dylan vermeed ze lange tijd consequent elke confrontatie, al doorbrak ze de laatste jaren die stilte. Suze werd 67.


Ook op Blues Magazine ...