Carolyn Wonderland – Peace Meal
Format: CD/ Label: Bismeaux Records/ Relaese: 2011
Cosmox.nl, Blues CD’s online bestellen
Tekst: Eric Campfens
Als ik een cd te recenseren krijg van een artiest duik ik eerst altijd het internet in om wat meer over deze artiest te weten te komen. Zo ook bij deze Carolyn Wonderland. En al meteen struikel je over de eerste loftuitingen, zoals een stem als Janis, de gitaarvaardigheid van Stevie Ray en “legend in her time”. Nu zul je op je eigen website niets verkeerds over jezelf (laten) zeggen, maar al deze opmerkingen moeten eerst maar eens worden waargemaakt.
Ze treedt al sinds haar vijftiende op en was tot een jaar of tien geleden alleen nog wereldberoemd in Houston en omgeving. Maar dat is nu snel aan het veranderen en na de rest van de VS worden nu serieuze pogingen ondernomen om de rest van de wereld te veroveren.
Met “Peace Meal” heeft deze Texaanse multi-instrumentaliste haar vijfde album uitgebracht. Naast gitaar bespeelt Carolyn namelijk trompet, accordeon, piano, mandoline, lapsteel-gitaar en ze kan fluiten. Cole El-Saleh bespeelt keyboards en het bijzonder instrument, de toetsenbas. Rob Hooper is de drummer. De productie was in handen van Ray Benson ex-Asleep at the Wheel), Larry Campbell en Michael Nesmith (ex-Monkees).
Het album begint met een eerbetoon aan Janis Joplin, de zangeres waarmee Carolyn vaak wordt vergeleken. “What Good Can Drinkin’ Do” begint rustig, haast akoestisch, en bouwt dan op naar een opwindende climax. Met haar zelfgeschreven “Victory Of Flying” doet zij hetzelfde. Een rustig begin met drum/gitaar ontaardt al snel in een razendsnelle song met enkele mooie tempowisselingen en een razendsnelle gitaarsolo. Met een New Orleans-achtige piano en ritme wordt de gospel “Only God Knows When” ingezet. Opvallend zijn hier de fraaie harmonieën. “St. Marks” is een rustig rockende blues, waarbij het tempo in de tweede helft met behulp van de scheurende gitaar behoorlijk omhoog gaat. In de prachtige ballade “Golden Stairs” past alles. Hier laat Carolyn horen hoe soulvol zij kan zingen met net dat lekkere randje, zonder te rauw te worden, de gitaarsolo is relaxt en melodieus en de begeleiders ondersteunen dit op harmonieuze wijze. Van Robert Johnson’s “Dust My Broom” is al zo vaak een cover gemaakt, ook van de Elmore James-versie ervan, dat je je moet afvragen of dat zo nodig weer moet worden gedaan. Maar Carolyns interpretatie van de Elmore James-variant is voor mij een van de betere die ik ooit heb gehoord door het spetterende lapsteel-werk, de klaterende piano van El-Saleh en het strakke drumwerk van Hooper. Bo Diddley’s “I Can Tell” krijgt hier een rockende en meeslepende uitvoering. Met “Usurper” waan je je door de vreemde orgeltonen, de vreemde akkoordenprogressie op gitaar en de betekenisloze tekst even terug in de psychedelica. Deze trip had van mij overgeslagen mogen worden. Gelukkig duurt het niet lang en via “No Exception”, een nummer dat behoorlijk tegen de ‘classic rock’ aanleunt komen we bij de sinister aandoende “Meet Me In The Morning”, een bluesversie van de Bob Dylan-song. De band speelt los en gaat met haar rauwe bluesstem lekker los. “Two Trains” is een prima rockende versie van de Muddy Waters-song. Dat ze ook de country beheerst laat ze horen in de afsluiter “Shine On”. Een prima song van het model ‘tranentrekker’, maar niet echt op zijn plaats op dit rauwe rockende bluesalbum. Misschien ergens halverwege als rustpuntje, maar niet als uitsmijter.
Conclusie
Een prima album. Eerlijke rauwe blues met hart en ziel gebracht. Carolyn Wonderland heeft een goede mix weten te brengen van geloofwaardige covers en eigen nummers. Op de al genoemde twee missers na ben ik er heel tevreden over en ik ben heel benieuwd hoe zij ‘live’ zal zijn. Hoogste tijd om haar een hierheen te halen.
Tracks:
01. What Good Can Drinkin’ Do
02. Victory of Flying
03. Only God Knows When
04. St. Marks
05. Golden Stairs
06. Dust My Broom
07. I Can Tell
08. Usurper
09. No Exception
10. Meet Me In The Morning
11. Two Trains
12. Shine On










